inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Heleen de Bruijn


Heleen de Bruijn
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Lex wil niet leren. Dat zegt school. En hij is niet testbaar’ hetkind.org/?p=54795

Gisteren op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
‘Niet de lesstof is het probleem, maar de ‘talige’ manier van lesgeven’

10 maart 2013

Heleen de Bruijn

Op school wordt kinderen geleerd te denken in woorden. ‘Beelddenkers’ kunnen daardoor problemen krijgen met leren, terwijl ze niet minder intelligent zijn. ‘Waarom wordt het meer natuurlijke denken in beelden op school afgeleerd? Marion van de Coolwijk vraagt het zich in een artikel dat eerder in Kinderwijz is gepubliceerd. ‘Niet de lesstof is het probleem, maar de ‘talige’ manier van lesgeven’.

Beelddenken, ook wel visueel leersysteem genoemd, is denken in beelden en gebeurtenissen, niet in woorden en begrippen. Het kan omschreven worden als ruimtelijk denken, waarbij visuele, auditieve en zintuiglijke informatie tegelijkertijd worden verwerkt. Daardoor overziet een beelddenker het geheel.

Dit verschilt van taaldenken: bij het denken in woorden is sprake van volgorde en klanken.

Wetenschappelijk onderzoek bewijst dat ieder mens rond het vijfde levensjaar een voorkeur ontwikkelt voor of het visuele of het verbale denken, oftewel: beelddenken of taaldenken. Het huidige onderwijs is voor het merendeel analytisch: er wordt gewerkt vanuit de details naar het geheel. Leerlingen die talig zijn ingesteld, scoren goed. Zij worden beloond met goede cijfers, omdat ze de lesstof letterlijk kunnen onthouden en opdrachten op volgorde kunnen uitvoeren.

We leren daarmee kinderen aan om het creatieve, associatieve beelddenken los te laten ten behoeve van het seriële taaldenken. Het brein moet zich gaan richten op details (welke letter staat er?), op verschillen (is het een b of een d?), op volgordes (straat/staart), op luisteren (welke klank hoor je?) en op het automatiseren (leer het maar uit je hoofd).

Allemaal zaken waar kinderen ‘van nature’ moeite mee hebben. Vandaar ook dat er in de kleuterklassen veel gedaan wordt op het gebied van luisteren, kijken naar verschillen en aanleren van volgordes, want juist dat zijn de gebieden die nog ontdekt moeten worden. Kinderen die de overstap naar het taaldenken niet kunnen maken (bijvoorbeeld door problemen als dyslexie, adhd en oogfixatie of door erfelijke voorkeur), blijven visueel ingesteld. Ze kunnen problemen krijgen met lezen, spellen, rekenen en automatiseren.

Maar niet de lesstof is het probleem, maar de ‘talige’ manier van leren en lesgeven. Door het vroegtijdig herkennen en erkennen van het beelddenken kunnen veel (leer)problemen voorkomen worden.

Het Nederlandse onderwijssysteem is al decennialang gericht op talige leerlingen. De meeste leerstof wordt verbaal aangeboden (leerkracht praat, leerling luistert). Methodes, oefeningen en lessen zijn sequentieel (op volgorde). En bijna alles wordt tweedimensionaal aangeboden (boeken, teksten). Vreemd, als je bedenkt dat de maatschappij de afgelopen jaren enorm veranderd is op het gebied van informatieverwerving.

Lees hier het hele artikel van Marion van de Coolwijk, dat eerder werd gepubliceerd in het magazine Kinderwijz mei/juni 2012. Van de Coolwijk is directeur van Instituut Kind in Beeld. www.kindinbeeld.nl