inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Geert Bors


Geert Bors
Bekijk mijn profiel

Monique Volman


Monique Volman
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Een meisje van van 12 jaar en al twee keer eerder uit huis geplaatst’ hetkind.org/?p=54819

Ongeveer 2 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Vooraf aan Onderwijsavond met Monique Volman, a.s. donderdag in Driebergen: over betrokken, liefdevol onderwijs

11 februari 2014

Geert Bors

Geplaatst in: Samenleving, Legitimering

Wat is de relatie tussen onderwijs en samenleving? Hoe zoek je de aansluiting? Hoe kan een kind zijn plek gaan innemen in die complexe wereld voorbij de school? Belangrijke vragen voor hoogleraar onderwijskunde Monique Volman. En, waarschuwt zij: ‘De huidige nadruk op hoge prestaties en rankings is daarbij niet alleen een beperkt, maar ook een risicovol antwoord.’ Volman zoekt het in de betrokkenheid van kinderen: bij school, bij leertaken. Maar vooral ook: betrokkenheid bij het opdoen en gebruiken van kennis, en de betekenis die jij ermee kunt hebben. A.s. donderdagavond 13 februari houdt Volman een pleidooi voor liefdevoller onderwijs.

187591046_640 (1)Voor deelname aan de vierde Onderwijsavond met Monique Volman (donderdag 13 februari, 19.30 uur) in theater Maitland. Kosten 30 euro. Landgoed De Horst in Driebergen. Er zijn nog enkele stoelen beschikbaar. Klik hier.

‘Ik heb in de vakantie het boek Schoolpijn gelezen van Daniel Pennac,’ vertelde hoogleraar Monique Volman in een interview met het Onderwijsblad in 2011. ‘Hij was een slechte leerling en beschrijft hoe zo’n leerling zich voelt. Uit een onderzoek van socioloog Lenie van den Bulk onder vmbo’ers blijkt dat ze heel goed beseffen dat ze onderaan de ladder staan. Vwo-leerlingen zien zichzelf als mensen die een bijdrage aan de samenleving gaan leveren, veel vmbo’ers denken niet zo over zichzelf. Ze kunnen niet eens noemen waar ze goed in zijn. Dat vind ik hartverscheurend. Hoge leerprestaties zijn niet voor alle leerlingen haalbaar, maar op school moeten ze ervaren dat ze zelf van betekenis kunnen zijn. Dat ligt binnen het bereik van alle leerlingen.”

Vmbo’ers die een hartverscheurend gebrek aan betekenis en zelfvertrouwen ervaren. En intussen maakt diezelfde nadruk op prestaties dat veel kinderen ‘bovenaan de onderwijsladder’ vooral leren zich monomaan te richten op hun eigen succes. Beide groepen zijn zo – op hun eigen manier – niet betrokken bij hun onderwijs, bij hun eigen ontwikkeling en bij hun samenleving. Betrokkenheid is hèt centrale thema in het recente werk van Monique Volman.

Cito-voorbereiding en stoomcursus eindexamen

Voor Volman is betrokkenheid een tegenwicht voor de al te grote nadruk op prestaties – betere leerprestaties, hogere leeropbrengsten – die momenteel het onderwijs beheerst. En begrijp haar vooral niet verkeerd: ‘Als docent heb ik een hekel aan de beruchte zesjescultuur en ik gruw van tentamens vol spelfouten. Ik vind dat we het beste uit kinderen moeten halen,’ sprak ze in haar oratie bij de aanvaarding van haar hoogleraarschap aan de UvA in 2011. Om te vervolgen: ‘Toch voel ik me ongemakkelijk bij het streven naar het maximaliseren van prestaties, als ik zie dat kinderen van elf op huiswerkinstituten worden voorbereid op de cito-toets en jongeren van 17 stoomcursussen volgen voor het eindexamen.’

De grote nadruk op prestatie – op individueel presteren – heeft namelijk gevaarlijke keerzijdes, betoogt Volman: het trekt de aandacht weg bij zaken die niet getoetst worden. Het werkt ‘teaching to the test’ in de hand, waardoor het geleerde niet alleen snel vergeten wordt, maar leren een trucje wordt en kennis geen betekenis krijgt. En verder draagt de hedendaagse nadruk op (economisch) ‘nuttige’ vakken niet bij aan het creëren van kritische, creatieve en zelfstandige denkers, zoals ook bijvoorbeeld ook de filosofe Martha Nussbaum betoogt.

Volman: ‘Terwijl we denken te werken aan een plaats in de top 5 van kenniseconomieën, lopen we het risico een generatie jongeren te creëren met een gebrek aan betrokkenheid bij de samenleving; voor sommigen door een eenzijdige focus op het eigen succes, voor anderen doordat ze al jong ervaren onderaan de ladder te staan. Ook ‘jongeren betrekken bij de samenleving’ is een taak van scholen.’ Ze bepleit daarom om niet alleen te kijken naar de hoogte, maar ook naar de kwaliteit van de leerprestatie – een kwaliteit die alles te maken heeft met betrokkenheid.

Betrokkenheid, betekenisvolle kennis en Biesta

In haar oratie bespreekt Monique Volman onderzoekstradities met een focus op de betrokkenheid van kinderen bij school en een betrokkenheid bij schooltaken, zoals onderzocht door de bekende motivatiewetenschappers Deci en Ryan. Maar Volman mist daarbij nog iets – iets dat de brug slaat tussen school en de grotere samenleving, tussen wat je nu op school doet en wat de toekomst je kan brengen. Iets dat maakt dat kinderen school als zinvol ervaren: ‘Ik mis de aandacht voor betrokkenheid bij betekenisvolle kennis.’ Dat is wat ze bedoelt met ‘betrokkenheid als leeropbrengst’.

Hoe je betrokkenheid creëert bij de kennis die je kunt opdoen? Volman haalt daarvoor collega-hoogleraar onderwijskunde Gert Biesta aan, die drie doelen voor het onderwijs onderscheidt: kwalificatie, socialisatie en subjectwording. In een interview met Vrij Nederland (5 december 2013) legde Biesta deze drie begrippen als volgt uit: ‘Je hebt kennis en vaardigheden nodig (kwalificatie, red.), je moet worden ingewijd in tradities (socialisatie, red.) en je persoonlijkheid wordt op school mede gevormd (subjectwording, red.). Onderwijs heeft altijd effect in alle drie die domeinen, dus bedenk als je lesgeeft wat je per domein wilt bereiken.’

Volman stelt: ‘Het doel van onderwijs is een nieuwe generatie zaken bij te brengen die hen in staat stelt geleidelijk het stokje van de vorige generatie over te nemen.’ Om uiteindelijk lerenderwijs, spelenderwijs, nieuwsgierig, creatief en betrokken daar uit te komen, kun je als leraar bijvoorbeeld laten zien dat onze huidige leerinhouden de weerslag zijn van de oplossingen voor problemen van eerdere generaties en kun je leerlingen tonen hoe eerdere generaties met hun vragen en problemen omgingen. Ze haalt voorbeelden aan van een leraar Engels in een Amerikaanse achterstandswijk, die via de vele vormen van liefde in Shakespeares King Lear liet zien dat kwesties rondom vriendschap, liefde en loyaliteit van alle tijden zijn. En van een leraar wiskunde die zijn leerlingen liet doorvoelen met welk probleem Pythagoras zat, waardoor hij uiteindelijk op de beroemde stelling uitkwam, die zijn naam is gaan dragen.

Een andere suggestie die Volman aandraagt, is om kinderen te laten meedenken over vakinhouden, over wát ze willen leren – ze denkt daarbij aan actuele én eeuwenoude vraagstukken, als de opwarming van de aarde, de vraag hoe je een mooie houtverbinding maakt of hoe je de laatste levensfase van oude mensen aangenaam kunt maken. ‘Ik denk dat we jongeren veel te weinig laten ervaren dat je mee kunt werken aan het beantwoorden van zulke vragen en dat het oplossen van zulke problemen uiteindelijk de bedoeling is van naar school gaan.’

Helpen bij identiteitsontwikkeling: hoe wil je leven, wie wil je zijn?

Hoe kun je leerlingen uitnodigen deel te nemen aan hun samenleving? Hoe leer je ze zich van betekenis te voelen? Hoe creëer je betrokkenheid op alle plekken van ons onderwijs? Volman: ‘[Het gaat erom] op school niet alleen te laten zien dat kennis en vaardigheden de moeite waard zijn, ‘van betekenis zijn’, maar ze ook de ervaring mee te geven dat wat zij met die kennis en vaardigheden doen, ertoe doet. Dat zij zelf van betekenis zijn en kunnen zijn. Dat is iets wat leerlingen op school maar zelden ervaren. Sociologen en pedagogen wijzen er al veel langer op dat het ontwikkelen van een identiteit voor jongeren tegenwoordig, in onze geïndividualiseerde samenleving, een hele klus is: hoe wil je leven, wie wil je zijn?’

‘Hoge leerprestaties zijn niet voor alle leerlingen haalbaar. Maar de ervaring zelf van betekenis te kunnen zijn, ligt binnen het bereik van alle leerlingen, of ze nu worden opgeleid tot ambachtsman of academica,’ stelt Volman.

Monique Volmans pleidooi voor betrokkenheid als leeropbrengst biedt interessante sleutels om tot een uitweg te komen uit de eenzijdige nadruk op ‘excellente scholen’, individuele prestaties en internationale ranglijstjes. Vooral omdat de hoogleraar niet polariseert, maar juist de verbinding zoekt. Presteren is oké, maar niet presteren om het presteren. Zoals Volman in 2011 in de Volkskrant zei: “Het doel van onderwijs is niet prestaties behalen. Het doel is dat kinderen zich ontwikkelen.”

En wat uitgebreider in Trouw datzelfde jaar: “Het draait op school om meer dan kennis, het gaat ook om wat je met die kennis doet. Om zelfvertrouwen, verantwoordelijkheid, creativiteit. Een kind leert niet begrijpend te lezen voor de toets, maar om de krant te kunnen lezen. Als je dat niet op waarde schat, krijg je een leeg soort leren, platgeslagen onderwijs.”

Geert Bors