inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Geert Bors


Geert Bors
Bekijk mijn profiel

Anne van Hees


Anne van Hees
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Steeds hetzelfde ‘meidengedoe’, wat moet je ermee? hetkind.org/?p=53624

Ongeveer 9 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Annes advies aan ouders van ADHD’ers: voed ‘ns op als een lui mens

24 september 2014

Geert Bors

‘Mensen met ADHD leren vooral door te ervaren’, schrijft begeleider Anne van Hees. ‘Mensen zonder ADHD leren natuurlijk ook door ervaring, maar bij hen is het meestal ook mogelijk te leren door iets te vertellen of te laten zien. Bij ADHD’ers blijkt de beleving cruciaal; ze moeten het als het ware “gevoeld” hebben.’ Hier komt het heikele punt voor hun ouders, want veelal stoten kinderen met ADHD vaker en harder hun hoofd – letterlijk en figuurlijk. En wat doet meer pijn dan te zien dat je eigen kind lijdt? Anne pleit ervoor de opvoeding eens te benaderen, alsof je een aartsluie ouder zou zijn.  

Lui ouderschapDoodmoe zijn ze vaak, de ouders die wij ontmoeten. Kapot, lamgeslagen en uitgeteld. Het maakt niet uit of hun kind nu 8 of 24 jaar is. Op het moment dat zij contact leggen met ons, is de emmer vol en horen we in verschillende bewoordingen dat het lijkt alsof ze een marathon gelopen hebben. Alleen is de finish nog lang niet in zicht. Niet bij dat kind van 8 en ook niet bij die van 24.

De verwachting is veelal dat wij zullen helpen om toch nog een tandje bij te zetten, nog een peut energie er tegenaan te gooien en wat strenger te zijn. Ondersteund door een nieuwe methode of aanpak en wat bemoedigende woorden van ons. Niets is minder waar. We vragen hen namelijk iets dat veel moeilijker blijkt: om te stoppen met het meeste van wat ze – met oprecht het beste voor hun kind op het oog – ‘doen’.

‘Maar wat moet ik dan?’, hebben we vele ouders al ontsteld horen uitroepen: ‘ik kan toch niet toezien hoe hij zichzelf in de problemen werkt?’ ‘Dat kun je wel, maar wil je het ook?’, vragen we dan. Rationeel is er namelijk niets moeilijks aan: je houdt voornamelijk je mond, antwoordt alleen nog als je kind iets vraagt (en dat duurt meestal een hele poos, want hun nakomeling vindt het meestal wel lekker rustig na jaren ‘gezeur’ aan zijn hoofd) en je gaat op je handen zitten.

Wat er dan kan gebeuren? Je kind vertrekt zonder brood, etui, boeken of wellicht wel helemaal zonder tas naar school of werk. Hij vergeet een week zijn tanden te poetsen en zijn kamer ziet eruit alsof er een explosie heeft plaatsgevonden. Hij raakt zijn telefoon kwijt en zijn lege bankrekening laat het aanschaffen van een nieuwe niet toe. Hij krijgt ruzie met zijn broers en zussen, wordt niet langer geduld binnen zijn sportclub en jij wordt op het matje geroepen bij de leerkracht.

De vraag is niet of dit kunt, want je hoeft niets anders te doen dan dit alles gade te slaan. Vanuit een luie stoel, indien je wilt. De vraag is of je het kunt laten. Kun je het laten om spullen na te brengen? Geld voor te schieten om verloren spullen te vervangen? Om te bemiddelen, op te ruimen, te waarschuwen of te mopperen? Kun je iets niet doen en enkel toekijken, erbij zijn?

Keer op keer blijkt ‘nietsdoen’ vele malen moeilijker dan ‘iets doen’. De pijn, het lijden van je kind aanzien – het geeft je een ongemakkelijk gevoel of misschien barst je zelf in tranen uit. Dit alles schrijft een moeder die al op haar onderlip moet bijten om te voorkomen dat ze een eind maakt aan het zwoegen en zweten van haar jongste dochter van negen maanden, die zichzelf aan de bank probeert op te trekken.

Wat kinderen vooral nodig hebben is iemand die er voor hen is als zij te kennen geven dat dat nodig is. Iemand die dan onbevooroordeeld luistert en ruimte heeft voor hun verdriet. Iemand die erop vertrouwt dat zijzelf in staat zijn tot het oplossen van hun problemen en het omgaan met de uitdagingen die zij op hun pad tegenkomen. En die erop vertrouwt dat zij hun best willen doen om erbij te horen, om anderen tegemoet te komen.

Gelukkig overwinnen veel ouders hun angst en vinden de moed om dit ‘lijden’ van hun kind gade te slaan. Zo creëren ze ruimte om zelf de gevolgen van hun handelen te ervaren, om hun eigen problemen op te lossen en om successen op hun eigen conto te schrijven. Noem het ‘opvoeden voor luie mensen’, noem het een andere gerichtheid. Lees verder…

Anne van Hees is onderwijskundige op haar eigen site blogt Anne regelmatig over onderwijs, opvoeding en ouderschap.