inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Madelon van der Hofstad


Madelon van der Hofstad
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Onderwijsdroom en realiteit: ‘Op mijn manier zet ik kleine stapjes’ hetkind.org/?p=55589

Ongeveer 3 minuten geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Opinie: ‘School vanaf 3 jaar? Bezint eer ge begint!’

18 februari 2015

Madelon van der Hofstad

Geplaatst in: Opvoeding, Samenleving,

Madelon van der Hofstad hoorde het nieuws dat fractievoorzitter van de PvdA, Diederik Samsom, een plan had om 3-jarige kinderen naar school te sturen. Maar zij ziet risico’s en valkuilen. ‘Ze leren de hogere (talige) vaardigheden, terwijl juist de lichamelijke basis het fundament vormt voor activeren van hersengebieden om later goed te kunnen leren.’ Haar artikel over de achtergrond van leerproblemen en alternatieve manieren om de gehele ontwikkeling van een kind te ondersteunen.

photo-1414637104192-f9ab9a0ee249Kinderen leren vanzelf door te spelen en te praten. We zien dat baby’s en peuters een enorme groei doormaken, zonder dat daar een educatief programma bij komt kijken. Door met de kinderen te praten, ze te laten klimmen en bewegen en ze een breed aanbod te geven dat de telkens opnieuw prikkelt, leren ze razendsnel. Wonderlijk genoeg gaat dit proces langzamer als ze naar school gaan. De taal van ‘school’ is dan niet meer de taal van hun belevingswereld. De hersenen kunnen er niet mee omgaan en de informatie beklijft niet.

Ontwikkelingspsychologen weten dat kinderen leren in fasen. Aanbod in de verkeerde fase slaat niet alleen niet aan, maar heeft zelfs nadelige effecten. We merken dat in ons huidige onderwijs, waar we meer en meer kinderen zien met leer- en gedragsproblemen zoals dyslexie, dyscalculie en zelfs AD(H)D en autisme. Een grote groep van deze kinderen zou niet op deze manier gediagnostiseerd zijn als het onderwijs beter had aangesloten op hun ontwikkelingsfase.

Succesverhalen zien we in de veel geroemde Scandinavische landen. Hier wordt er wellicht wel eerder naar school gegaan, maar ook beduidend later gestart met lees-, schrijf- en rekenonderwijs, namelijk pas op hun 7e jaar! Zoals we allen weten, is in Finland het aantal leerlingen met dyslexie en dyscalculie beduidend lager dan bij ons. Neurologisch ontwikkelingsdeskundige Dr. Masgutova onderzocht dat er in Rusland geen kinderen met dyslexie waren tot de val van de muur. Daarna adopteerden de Russische scholen het westerse onderwijssysteem, en leerden de kinderen ook al op 6- jarige, in plaats van 7- of 8 jarige, leeftijd schrijven. Nu zijn er in Rusland, net als bij ons, wel kinderen met dyslexie en andere leerstoornissen. Ra ra, hoe kan dat?

Paradox

Het is een paradox: om onze kinderen beter te laten leren moeten we later starten met de cognitieve leerprocessen. De kinderen hebben dan via vrij spel en gerichte bewegingsopdrachten de basis gelegd in hun neurologische ontwikkeling om zich cognitief naar behoren te kunnen ontwikkelen.

1001004010216313Het idee om kinderen op hun 3e naar school te sturen kan leiden tot beter opgeleide kinderen. Het is dan wel zaak om iets anders in te zetten dan cognitieve programma’s. Wie gaat er bedenken wat goed voor de 3-jarigen is? Zijn dat dezelfde mensen van het ministerie die ook het passend onderwijs bedacht hebben? Ga eens praten met de vele leercoaches die nu de problemen, die ontstaan zijn in het huidige onderwijs, aan het verhelpen zijn. Achterstanden kunnen door leerlingen bijna niet worden ingehaald. Daarnaast adviseer ik om goed te luisteren naar deskundigen op het gebied van de neurologische ontwikkeling van kinderen. Zij weten immers hoe de hersenen zich ontwikkelen! Een voorbeeld is Professor Sieneke Goorhuis, specialist op het gebied van ontwikkeling van het jonge kind, die duidelijk aangeeft dat voorschoolse educatie weinig effect heeft op de lange termijn.

De PvdA heeft helaas geen goed track-record op het gebied van grote onderwijsvernieuwingen. Ik hoop dat de partij nu wel naar de beschikbare onderzoeksresultaten kijkt én oog heeft voor bevindingen van deskundigen buiten de gebaande paden. Met een open blik valt er nog erg veel te leren over ontwikkeling, onderwijs en de effecten op het leren en het gedrag van kinderen. De commissie Dijsselbloem heeft pijnlijk duidelijk gemaakt dat als we niet heel zeker weten dat een onderwijsvernieuwing een groot probleem oplost, dat we er dan beter niet aan kunnen beginnen. Hoe zeker weet je dat het voor iedere 3-jarige beter is om naar school gestuurd te worden?

Wie ben ik?

Ik ben juf geweest, kan ik met spijt en met trots tegelijk zeggen. Want wat vond ik het heerlijk om de hele dag samen met de kinderen te leren! En wat heb ik spijt dat ik hen te weinig in hun eigen ontwikkeling heb kunnen volgen. Ik had veel vrije tijd die ik gebruikte voor het ontwikkelen van sociale vaardigheden en van hun eigen persoonlijkheid. Daarnaast kwamen knutselen, spelen, toneelspelen, dichten etc. aan de orde én natuurlijk taal en rekenen. Ik heb het hier over groep 7, en over twintig jaar geleden.

Al gauw zag ik de methodes hun intrede doen, ik voelde letterlijk en figuurlijk wat de invoering van afspraken, toetsen en het moordende schema met mij deden, laat staan wat het voor mijn leerlingen betekende. Tel dit op bij de bij te houden rapportages, het vergaderen en de nascholing, en menig leerkracht snoept hiermee zijn/haar eigen vrije tijd weg om toch vooral zo goed mogelijk te blijven presteren.

Ik ben nu zelfstandige en werk met kinderen met leer- of gedragsproblemen. En nee, niet op de reguliere voorgeschreven manier. Ik word niet vergoed door scholen, pgb’s of verzekeringen. Bij mij passen kinderen namelijk niet in een vooraf vastgesteld hokje of een vastgesteld aantal behandelingen. De ouders betalen mij zelf. Dat doen ze omdat ze hun kinderen nu WEL vooruit zien gaan. Op school in de extra instructiegroepjes lukte dat niet. Ik werk aan de basis: het bewegen en het activeren van hersengebieden, wat leidt tot inzicht, in plaats van het aanleren van trucjes.

Haal die kinderen uit de sneltrein die ons onderwijs is

Ook de kinderen voelen de voortdurende druk van een soort sneltrein waar ze in zitten, het gaat maar door en door. Als je een leerprobleem hebt op één of meerdere gebieden, dan hol je voortdurend achter die trein aan. Als de trein stopt in de vakanties, dan ben juist jij te moe om de afstand in te lopen.

Ik schrok toen ik hoorde dat het passend onderwijs eraan kwam, ik heb het nu drukker dan ooit. Nóg meer zorgleerlingen in een klas, nog meer druk op de leerkracht en nóg minder aandacht voor het kind. De hulp IN school bestaat inmiddels uit IB-ers die de overbelaste leerkracht instrueren, er worden plannen geschreven en er wordt gesproken. En, oh ja, helaas komt het zelden voor dat een kind via het programma weer in de reguliere leerlijn terugkeert. Mmmm. We proberen ze namelijk op cognitief niveau iets te leren wat ze helemaal niet kunnen. Leer kinderen iets waar ze nog niet aan toe zijn en het beklijft niet!

Hoe komt het dat kinderen leerproblemen hebben?

Mijn collega’s en ik zien dat het vaak aan de neurologische ontwikkeling (www.masgutovamethode.nl, www.inpp.nl) ligt van de kinderen.

Vanaf de conceptie ontwikkelt een eicel zich al. In de eerste weken na de conceptie is er al een samentrekking van de cellen te zien als deze met een haar aangeraakt zouden worden. Dit noemt met een reflex. Er ontstaan bij het ontwikkelen van het klompje cellen steeds meer reflexen. Een aantal van die reflexen zijn nodig om geboren te worden, anderen om de eerste weken van het leven letterlijk te kunnen overleven. Denk aan de schrikreactie van een baby die nodig is om de ouder te waarschuwen in geval van gevaar. Denk aan het draaien van het hoofd richting de borst om te kunnen drinken.

Bij de meeste leer- (en ook gedragsproblemen) kunnen we zien dat de stadia van bepaalde reflexen niet voldoende zijn doorlopen. Reflexen die behoren bij de babytijd heb je niet meer nodig als volwassene, maar vormen wél de basis van je functioneren.

Het fundament van de neurologische ontwikkeling

Als we de reflexen nou eens als fundament beschouwen van de neurologische ontwikkeling van mensen. Het zijn pilaren waarop we verdiepingen van de ontwikkeling moeten bouwen. Onderaan staan alle vaardigheden die we nodig hebben om te overleven. Daarop komt een verdieping waarop de volgende laag vaardigheden gebouwd wordt. Helemaal bovenaan, zo ongeveer bij het dak van het huis, staan de schoolse cognitieve vaardigheden als lezen, schrijven, rekenen.

Een kind met een rekenprobleem wordt door de leerkracht geremedieerd. Dat is een cognitief proces. We gaan het kind op de hogere vaardigheden aanspreken, terwijl het probleem juist in de basis zit. Dit kan ik uitleggen met een voorbeeld.

Veel kinderen met rekenproblemen hebben nooit of erg kort gekropen. Zij hebben permanent een ander beeld van de wereld dan degenen die wel voldoende gekropen hebben. Ze zullen dus nooit in dezelfde mate begrip krijgen voor bepaalde bewegingen (lateralisatie, het kruislings bewegen, de oogcoördinatie, focussen en ruimtelijk inzicht) dat nodig is voor inzicht in rekenen.

De leerkracht kan dan heel veel uitleggen, maar de leerling zal de betekenis van de sommen niet echt voelen, begrijpen en doorleven. Dus zal dit kind bij ieder nieuw onderwerp opnieuw cognitieve hulp nodig hebben, omdat het inzicht en het juiste fundament ontbreekt om een nieuw rekenprobleem zelfstandig op te lossen. Hoe kunnen we werken aan die basis? Door het stimuleren en activeren van de betreffende hersengebieden als de kinderen daaraan toe zijn kan begrip en inzicht ontstaan, dat is de basis waarop latere vaardigheden gebouwd kunnen worden.

Risico: minder beweging, meer ‘hoofdzaken’

development-stagesNu gaan we 3-jarigen naar school sturen. Wat is dan het risico? Ze bewegen nog minder. Ze leren liedjes, woorden en andere talige zaken waar ze nog niet aan toe zijn en die niet bij hun belevingswereld passen. We leren ze de hogere vaardigheden, terwijl juist de lichamelijke basis het fundament vormt voor activeren van hersengebieden om later goed te kunnen leren.

Professor Sieneke Goorhuis (http://www.jktv.nl/vrijeschool/podcasts/Sieneke_Goorhuis-Brouwer.mp3) legt heel duidelijk uit dat voorschoolse educatie geen zin heeft. Zij vertelt over de ontwikkeling van de hersenen en wat de samenhang met de talige ontwikkeling heeft. Ieder kind bouwt vanaf 6 maanden zijn eigen woordenboek in zijn hoofd, en dat bestaat uit betekenisvolle woorden. Géén woordenlijsten die wij als volwassenen voor hem/haar bedenken. De woorden vinden pas een plekje in het persoonlijke woordenboek als het kind ze beleefd heeft, en deze beleving ontstaat juist door ervaringen.

De talige ontwikkeling begint echter al lang vóór die tijd. De moeder die met aandacht tegen haar baby praat en uitlegt wat ze doet, laat al ervaringen en klanken in het brein van haar kind ontwaken en activeren.

Onderzoek naar voorschoolse cognitieve programma’s

Er zijn onderzoeken gedaan naar de opbrengst van voorschoolse cognitieve programma’s, waaruit blijkt dat kinderen niet anders op cito toetsen scoren dan voor deze programma’s. De enige uitgezonderde groep is die van allochtone kinderen die thuis geen Nederlands hebben gesproken voordat zij op school kwamen.

Bijkomend nadelig effect in het experiment was dat de leidsters aan hun eigen kwaliteiten gingen twijfelen en dat de maatschappij ten onrechte roept om goed opgeleide mensen die de kinderen moeten begeleiden. Nogmaals is dát niet het probleem, het probleem is dat kinderen dingen worden aangeleerd waar zij niet aan toe zijn, en die dus ook geen opbrengst genereren. Je kunt er hooguit kwaad mee doen, door kleine kinderen uit hun vertrouwde omgeving te halen, waar natuurlijk leren vanzelf plaats vindt.

Achterstanden

Voor taalontwikkeling moet het taalsysteem ontwikkeld worden. De woorden die later op school nodig zijn, kan een kind makkelijk oppakken als zijn systeem goed werkt. Door te vroeg eisen te stellen aan kinderen, door te snel dingen aan te willen leren waartoe kinderen nog niet in staat zijn, dát levert achterstanden op.

Persoonlijk zou ik pleiten om écht naar een land als Finland te kijken. Daar geldt een leerplicht voor kinderen van 7 tot en met 16 jaar. De kinderen leren in groepen van maximaal twintig kinderen. Voor jongere kinderen zijn er vormen van kinderopvang, maar die zijn vooral gericht op spelen en niet op cognitieve ontwikkeling. Het idee daarachter is dat het voor een harmonische ontwikkeling van een kind belangrijk is dat er niet te jong een beroep op het intellect wordt gedaan. Zie ook dit artikel.  Resultaat: nagenoeg geen dyslexie en andere leerproblemen in Finland! Is dat niet waar we naartoe willen?

Maar wat moeten we dan wel doen?

Ik begrijp dat de achterstanden van kinderen ons zorgen baren. Ik begrijp ook dat we op zoek zijn naar betere manieren om de kinderen kansen te geven om op school te floreren en cognitief beter uit de bus te komen. Ik vind het daarom erg belangrijk dat er nu vanuit een ander oogpunt naar kinderen gekeken wordt om juist te voorkomen wat we nú in de dagelijkse praktijk meemaken. Het is heel simpel: doen wat je altijd doet geeft het resultaat dat je altijd kreeg.

Dus vanuit het onderwijs kijken naar wat we de 3-jarigen kunnen bieden, levert alleen meer van hetzelfde op. En ja, ik vrees dan ook voor de bijbehorende leerproblemen, die wellicht nog toenemen, omdat er nog meer van de natuurlijke ontwikkeling wordt afgeweken. Het belangrijkste is om bij de ouders te beginnen. Jonge ouders, die graag beter willen weten hoe je met een baby moet omgaan. Vertel ze dat je er goed tegen moet praten, dat je de baby moet laten spelen, dat je de baby mag triggeren met speeltjes en geluidjes, zodat hij/zij nieuwsgierigheid ontwikkelt. Dat je een kind ervaringen geeft en daarover praat, dat je zingt, beweegt en voorleest…

Het jonge kind is namelijk bij zijn ouders op de beste plek om te leren, als we deze ouders daar tenminste voldoende handvatten voor geven. Vanuit veiligheid en vertrouwen leert een kind het makkelijkst en het meest natuurlijk de woorden en de taal die het nodig heeft. Voor een boerenzoon is dat ander taalgebruik dan voor een yuppendochter in een stad, dat behoeft geen uitleg. Dat het niet om de woorden gaat, maar om de ontwikkeling van het taalcentrum in de hersenen, dát is belangrijk.

Waarom niet insteken op de doelgroep ‘nieuwe ouders’ en daar meer aan voorlichting en educatie doen? Met aanbod van relevante bewegingsontwikkeling waarop zij kunnen letten. Dit lijkt mij een duidelijke taak voor het consultatiebureau en de GGD. Er zijn boeken volgeschreven over het positieve effect van vrij spelen op de hersenen en de socialisatie van kinderen. Zou dat geen waardevolle start zijn voor ouder en kind? Een mooi kadootje van de overheid, niet? Kost minder dan al die leerproblemen, labels, budgetten, zittenblijven en schooluitvallers bij elkaar. Dat lijkt me voor de kinderen ook fijnen! Ik denk graag met jullie mee! En laat die 3-jarigen lekker thuis spelen!

Madelon van der Hofstad is juf en coach in Eindhoven.