inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Hartger Wassink


Hartger Wassink
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Zoon is er klaar mee: ‘Het valt niet mee, maar ook hier komt hij wel doorheen’ hetkind.org/?p=53615

Ongeveer 6 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
‘Jouw verhaal raakt pas als het driedimensionaal is’

23 februari 2015

Hartger Wassink

Geplaatst in: Verantwoordelijkheid,

Het overbrengen van een boodschap met een verhaal is moeilijker is dan je zou denken. Niet omdat het verzinnen zo moeilijk is: de werkelijkheid biedt, als je erop let, dagelijks mooiere verhalen dan we ooit kunnen verzinnen. Nee, het is moeilijk, omdat je in staat moet zijn het te verbinden met wat je persoonlijk belangrijk vindt, en dat moet oprecht zijn. Is het te veel effectbejag, dan halen mensen hun schouders op. Durf je je emotie niet te tonen, dan blijft het verhaal ‘koud’ en komt het niet over. Hartger Wassink deelt een blog met als titel ‘ Wat een verhaal’.

Een tijd geleden had ik een gesprek met een schoolbestuur. Ze hadden mij gevraagd een avond mee te denken over de manier waarop de kernwaarden van een school een leidraad zouden kunnen vormen voor toezicht op de kwaliteit van het onderwijs. Ik werk dan vaak met verhalen als uitgangspunt en begin met een simpele opdracht als voorbereiding: schrijf een korte anekdote over wat je van waarde vindt in de school.

Tijdens de bijeenkomst vroeg ik de leden hun anekdote voor te lezen. Aan de hand van ieders verhaal bespraken we welke kernwaarden van de school erin herkenbaar waren. Wat een van de mensen voorlas, was echter niet een verhaal, maar meer een zakelijk betoog over onderwijskwaliteit. Het viel erg uit de toon bij de andere bijdragen en toen zij besloot met ‘Kortom: kwaliteit is voor mij: eruit halen wat erin zit!’ viel er een ongemakkelijke stilte.

Even wist ik niet wat ik moest doen. De verdieping in het gesprek, ontstaan door de persoonlijke verhalen van de anderen, was plots verdwenen. Als ik deze vrouw erop aan zou spreken, dat dit niet helemaal de opdracht was, zou de sfeer nog verder verslechteren. Toch wilde ik het ook opnemen voor de anderen, die wél iets van zichzelf bloot hadden gegeven. Op goed geluk stelde ik de vraag: “En heb je zelf wel eens meegemaakt dat iemand eruit haalde wat erin zat?”
“Jazeker.” Ze sprak nogal beknopt. Maar ik zette door: “Kun je ons iets over dat moment vertellen?” Even was het stil. Toen begon ze te vertellen.

Ooit was ze docent wiskunde geweest op een middelbare school. Op zeker moment was haar gevraagd een Marokkaans meisje onder haar hoede te nemen, weggestuurd bij een andere school, vanwege diefstal van een portemonnee. En of zij, bekend om de discipline in haar lessen, haar weer in het gareel kon krijgen. Na een gesprek met het meisje nam ze haar in haar klas en behandelde haar als ieder ander.

Het meisje stelde zich eerst wat afstandelijk op, maar ontdooide langzamerhand. Ze bleek goed in wiskunde. In het eindexamenjaar vroeg ze: “Mevrouw, wat raadt u mij aan? Zal ik economie gaan studeren, of wiskunde?” De lerares had geantwoord: “Wiskunde, dan kun je altijd nog econoom worden, andersom gaat niet.”

Jaren later kwam ze haar leerling toevallig weer tegen. Enthousiast vertelde ze dat ze inderdaad wiskunde was gaan studeren. En een jaar later ook economie, ernaast. En die portemonnee? Die bleek gestolen te zijn door een groep meiden, die haar er de schuld van wilden geven. Pas veel later durfden ze dat toe te geven, maar toen was ze al van school gestuurd.

Na dit verhaal was het even stil in de groep, totdat een van de anderen zei: “Nu snap ik wat jij bedoelt met ‘eruit halen wat erin zit.’”

Met dit verhaal wil ik duidelijk maken wat het verschil is tussen een verhaal en een betoog. We zijn zo gewend om in betogen te praten, dat we moeite hebben om een echt verhaal te herkennen. Jan Kuitenbrouwer deed onlangs in NRC Handelsblad wat meesmuilend over de moderne verhalenmode. Overal wordt maar een verhaal van gemaakt, om de boodschap beter te verkopen. Wat hem betreft zouden we moeten stoppen met die verhalen. Maar het punt is nu juist, dat het vaak niet om verhalen gaat, maar om verkapte betogen.

Een verhaal ‘raakt’ pas als het ‘driedimensionaal’ is.

Het heeft een fysieke dimensie: het beschrijft een gebeurtenis, waarin een hoofdpersoon figureert die iets meemaakt, iets wat waarneembaar is of had kunnen zijn. Daarin onderscheidt het zich het meest van een betoog, dat geen hoofdpersoon of handeling hoeft te kennen.
Het heeft een mentale dimensie: het draagt een bepaalde boodschap in zich (die overigens niet heel expliciet hoeft te zijn en voor meer uitleg vatbaar).
Het heeft tot slot een emotionele dimensie: het brengt iets te weeg, het heeft een ‘dramatische wending’, of volte. Die emotionele dimensie is verbonden met de persoon van de verteller en zit vaak verstopt in de manier waarop iemand het verhaal vertelt. De emotie zelf hoeft niet rechtstreeks benoemd te worden, het werkt zelfs sterker als die alleen tussen de regels door voelbaar is.

Aan de hand van deze dimensies wordt duidelijk dat veel voorgekookte verhalen geen echte verhalen zijn. Ze missen ofwel de fysieke dimensie, omdat ze geen concrete gebeurtenis beschrijven. Ofwel ze missen de emotionele dimensie, omdat het verhaal niet een persoonlijk verhaal is. Dat herkent de luisteraar gauw genoeg: het verhaal blijft vlak, de verteller laat er niets van zichzelf in zien.

Het wordt zo ook duidelijk dat het overbrengen van een boodschap met een verhaal moeilijker is dan je zou denken. Niet omdat het verzinnen zo moeilijk is: de werkelijkheid biedt, als je erop let, dagelijks mooiere verhalen dan we ooit kunnen verzinnen. Nee, het is moeilijk, omdat je in staat moet zijn het te verbinden met wat je persoonlijk belangrijk vindt, en dat moet oprecht zijn. Is het te veel effectbejag, dan halen mensen hun schouders op. Durf je je emotie niet te tonen, dan blijft het verhaal ‘koud’ en komt het niet over.

Maar als je het goed doet, kunnen verhalen belangrijke voertuigen zijn voor betekenis. Zijn de drie dimensies in balans, dan ontstaat er verbondenheid. Dan begrijpen je toehoorders je boodschap, omdat ze jouw oprechte emotie horen, in de manier waarop je over de gebeurtenis vertelt. Een mooie start van de dialoog.

Hartger Wassink is o.a. medewerker Wetenschaps Forum van het NIVOZ en associate lector  aan de HU. Hij schrijft op zijn eigen blog HARTGER VERZAMELT WERK –  Alles wat ik ooit schreef over onderwijs, leiderschap, onderzoeken en wat me nog meer interessant leek om te delen.