inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Christina Karydaki


Christina Karydaki
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Gamification, spel en Harry Potter: ‘Leuk is het zeker, maar (nog) niet het grote succes waar ik op had gehoopt’ hetkind.org/?p=56186

Ongeveer 10 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Communicatie met jongeren: ‘Goedenavond jongens, wie geeft dit feestje?’

13 juni 2015

Christina Karydaki

De buurjongen van Christina Karydaki geeft elk weekend een feestje zonder toezicht van zijn ouders. Haar man heeft het gehad en wil na het zoveelste blikje bier op het dak erop afstappen om een duidelijke boodschap te geven. Christina houdt hem tegen om het zelf te proberen. Haar blog over de kleine dingen die in interactie zo belangrijk zijn. ‘Het ligt op het puntje van mijn tong om nog iets te zeggen, maar ik houd me in.’ 

download (32)Wij hebben een buurman die gescheiden is. Zijn zoon van zestien jaar is doordeweeks bij zijn moeder en ieder weekend bij zijn vader. Vader is op zaterdagavond meestal niet thuis en zijn zoon organiseert grote feestjes voor zijn vrienden. Iedere week ligt de tuin bezaaid met fietsen, wordt er geürineerd tegen voordeuren of brievenbussen van omringende woningen en worden er lege blikjes bier op het dak van het appartementencomplex gegooid.

Een paar weken geleden was het weer zo ver: lawaai en harde muziek, een aantal jongeren stonden in de voortuin. Mijn partner en ik gluurden door de gordijnen om misstanden te signaleren en ja hoor, een halfvol blikje bier vloog in de lucht en belandde op het dak. Mijn partner was furieus, de stoom kwam uit zijn oren. ‘Wat een etterbakken, ik ga er wat van zeggen!’ Vlak voordat hij naar buiten loopt, slaat de twijfel toe: Wat als de volgende dag de spiegels van mijn auto eraf liggen of mijn brievenbus is vernield? Zal ik het maar zo laten?

Angst voor represailles

Volgens mij komt deze gedachte vaak voor in deze tijd. Wij zien asociaal gedrag op straat maar aarzelen om hier wat van te zeggen uit angst voor represailles. Dit hangt vaak samen met een gebrek aan “publieke familiariteit”, zoals hoogleraar opbouwwerk Talja Blokland het noemt. Hiermee  doelt ze op ‘de kennis die iemand nodig heeft om in te schatten wat je van de ander kunt verwachten’. Mijn partner kent de jongeren niet en kan niet inschatten wat er zou kunnen gebeuren als hij hen aanspreekt. Ik weet echter uit diverse onderzoeken dat gebleken is dat het wel zin heeft om regelmatig te praten met jongeren op straat en dat het op lange termijn een positief effect heeft op hun gedrag. Bewapend met deze informatie, mijn affiniteit met de doelgroep (en mijn naïeve idee dat ik de wereld kan verbeteren), zeg ik tegen mijn partner: ‘Ik ga wel met ze praten’.

Het gesprek

‘Goedenavond jongens, wie geeft dit feestje?’, zeg ik met een duidelijke stem. De pubers kijken me overdonderd aan. Ik voel me net een politieagent.

‘Ik’, klinkt een onderdanig stemmetje.

‘Mag ik vragen wat jouw naam is? En is jouw vader ook thuis?’

‘Sven. Nee, hij is niet thuis.’

‘Ok Sven, luister, wij vinden het prima dat jullie een feestje hebben. Wat we niet prima vinden, is dat er overlast is voor de buurt, dat er geürineerd (ok, ik geef toe dat ik hier een ander woord voor gebruikt heb) wordt tegen deuren en muren en dat er blikjes op het dak worden gegooid. Net nog vloog een blikje op het dak. Kun je je voorstellen dat dit niet fijn is voor de omwonenden?’

‘Ja, natuurlijk, dat snap ik. Maar euh, ik weet niet wie dat gedaan heeft hoor. Wij staan hier buiten op de pizza’s te wachten, wij hebben dat niet gedaan.’

‘Wil je dan de rest even roepen, dan kunnen we vragen wie dat gedaan heeft. Ik spreek jou aan omdat jij verantwoordelijk bent voor wat jouw gasten doen.’

‘Ja, dat begrijp ik wel.’

Een groep van zo’n twintig jongeren komt naar buiten. Ik zeg: ‘Hallo jongens en meisjes, hebben jullie een leuk feestje?’

‘Ja hoor’, klinken een paar stemmetjes stotterend.

Sven besluit om het over te nemen en zegt: ‘Luister mattie’s, als jullie gaan zitten kloten dan is het afgelopen met de feestjes, dan zoeken jullie het maar lekker uit. Sven zoekt even oogcontact met en het lijkt of hij wil checken of hij het zo goed gedaan heeft.

‘En wie heeft dat blikje op het dak gegooid?’, gaat hij verder, ‘Die moet zijn excuses aanbieden aan die mevrouw’. Ik kijk hem aan met een bijna trotse blik. De “dader” zegt sorry tegen me en de rest van de vrienden belooft ook beterschap.

Ik kan het niet helpen om nog even te vragen hoe oud de jongeren eigenlijk zijn.

‘Veertien, vijftien, vijftien, dertien, twaalf…’ Eén voor één vertellen ze hun leeftijd. Het ligt op het puntje van mijn tong om te zeggen ‘Hebben jullie niet van de afspraak van Nix gehoord?’, maar ik hou me in. Na het magische moment van net, kun je als ”oude” vrouw echt niet zo’n “uncoole” vraag stellen. Die bewaar ik wel voor een ander keer. Ik sluit het gesprek af met: ‘Bedankt voor jullie aandacht, veel plezier nog.’

De volgende dag en de weken erna zijn de autospiegels nog heel, is er geen afval op het dak en geen penetrante urinegeur te bespeuren. Ik kom Sven regelmatig tegen. Hij groet mij dan altijd met ‘Hallo mevrouw, hoe is het met u?’ ‘Goed hoor, jongen, dank je. Veel plezier zaterdag…’

Christina Karydaki is Intercedent en Gedragswetenschapper bij Vaart College van Horizon.