inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Tom Pellis


Tom Pellis
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Lex wil niet leren. Dat zegt school. En hij is niet testbaar’ hetkind.org/?p=54795

Ongeveer 11 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
‘Bart geeft zichzelf een vier voor welbevinden. Wat nu?’

7 juli 2015

Tom Pellis

Een project waarbij kinderen uit groep 7 hun tijd zelf mogen indelen? ‘Dat kan hun brein nog niet aan’, zeggen hersenwetenschappers. ‘Dat lukt pas na de puberteit.’ Toch horen ze op basisschool de Stuifhoek in Made van VO-scholen terug dat hun leerlingen er positief uitspringen: zelfstandiger, bewuster en met de moed hulp te vragen, als iets niet loopt. Leerkracht Tom Pellis –  inmiddels schoolleider in Teteringen – geeft een kijkje in de keuken. ‘Het gaat om motivatie én om relatie. Je doet wat samen lukt.’

Ik zie hem al een kwartier dralen – Bart, die zich in deze passiewerk-periode zou gaan bezighouden met het onderwerp ‘deejays’. Duidelijk niet in zijn hum. Ik vraag hem een score te geven voor hoe hij zich voelt. “Een vier”, zegt hij, “ik heb er buikpijn van.”

Zo! We zijn bezig met passiewerk, waarbij ieder kind zijn eigen interesse mag volgen en Barts welbevinden zit behoorlijk onder het vriespunt. Nee, aan het onderwerp ligt het niet – dat krijgt nog steeds een negen van hem en bezorgt hem geen buikpijn. De tijdsdruk wel. We gaan samen zitten.

Passiewerk is een belangrijk onderdeel van het curriculum op basisschool De Stuifhoek in Made: in groep 6, 7 en 8 mogen kinderen vier keer per jaar, anderhalf uur per week gedurende zeven weken, aan de slag met een onderwerp dat hen persoonlijk raakt. Het idee is dat je zodanig wordt aangesproken op je eigen nieuwsgierigheid en intrinsieke motivatie, dat je aan het werk gaat met een grotere mate van zelfstandigheid, verantwoordelijkheid en zelfsturing dan je normaal gewend bent.

Natuurlijk hoeven de kinderen dat niet in hun uppie te doen: we doen ons passiewerk in coachingsgroepen. Al acht jaar bouwen we aan passiewerk en integreren we steeds meer wetenschappelijke onderbouwing en verwante praktijkvoorbeelden, zoals Big Picture Learning, Csikszentmihalyi’s flowtheorie en het werk van Fred Korthagen, in ons programma. Waar je vroeger je spreekbeurt thuis in je eentje moest voorbereiden om hem uiteindelijk in de klas te geven, bereiden kinderen bij ons hun passiewerk in de klas voor, met hun leerkracht in de buurt, en geven hun presentatie aan de ouders. Precies andersom, en vaak met verbluffende resultaten.

Een week of vijf geleden, toen we begonnen aan de vierde en laatste projectronde van dit jaar, had ik een inschatting gemaakt: Bart had nu passiewerk gedaan in groep 6 en 7. Dit zou zijn achtste keer worden. Ik had hem voorgesteld dat hij me zijn voorwoord zou laten lezen, in grove pennenstreken zou hij laten zien hoe hij de verschillende vakken zou betrekken en dan op 1 juni zijn presentatie zou geven.

En nu blijkt Bart muurvast te zitten. “Meneer Tom, ik heb nog steeds mijn boeken niet gehaald. Ik ga het vandaag echt doen”, vertelt hij. “Maar ik weet niet of ik 1 juni ga halen.” Je zou er zelf bijna buikpijn van krijgen, om hem zo zien. Passie is leuk, behalve als het je niet lukt om te doen wat je je voorgenomen had – om welke reden dan ook.

Op de blaren zit hij al. Een preek heeft hij niet nodig. Waar het om gaat, is dat hij weet dat hij mijn onvoorwaardelijke steun en vertrouwen heeft. Ik vraag: “Wat wil je van mij?” Hij haalt zijn schouders op. “Je zou kunnen gaan kijken wat er wél kan in de tijd die je nog hebt”, stel ik voor. “En 1 juni is niet heilig. Als we straks uitkomen bij een later tijdstip, is dat ook goed.”

Er valt een last van Barts schouders: “Mag dat écht?” Hij pakt meteen zijn planning en vertelt waar en wanneer hij een uurtje kan nemen voor zijn project. Uiteindelijk komt hij uit op 15 juni. Dan zou alles klaar moeten zijn. Ik vraag wat hij van zijn eigen planning vindt. “Op een schaal van 1 tot 9 zit ik nu zeker op een negen”, zegt hij. Een half uur later zie ik Bart met rode konen van enthousiasme langslopen.

“Zie je wel”, zou een criticaster kunnen zeggen, “het werkt niet: verantwoordelijkheid leggen bij kinderen. Hersenonderzoekers stellen dat het voor het hebben van overzicht en het kunnen plannen zelfs in de puberteit nog erg vroeg is.” Toch is dat niet de les die ik wil trekken uit mijn gesprek met Bart. Ik denk dat een jongen als hij net zoveel moeite gehad had, als hij dit onderwerp thuis als spreekbeurt had mogen voorbereiden. Het gaat erom dat Bart nu al veel meer heeft geleerd over zichzelf, over leren, over de verbonden rollen van leerling en leerkracht, over samenwerken, dan wanneer hij het thuis alleen had zitten doen.

Ik besef dat ik mezelf hiermee kwetsbaar maak. Dat ben ik ook. Iedere leraar die werkelijk durft te gaan staan in de relatie met zijn kinderen, iedere leraar die zijn fouten durft toe te geven en terug durft te komen op een eerdere beslissing, iedere leraar die kinderen de ruimte durft te geven ‘het zelf te proberen’, maakt zich kwetsbaar. Maar mijn kinderen zien dat ik er echt wil staan, me wil inzetten, creatief wil meedenken, zelf óók wil leren.

En daarbij: ik weet dat onze Stuifhoek-aanpak werkt. Dat is tenminste wat we vaak terughoren van VO-scholen uit de buurt, die ons vertellen dat ze onze leerlingen er na een maand of twee feilloos uit kunnen pikken: die leerling die wat meer inzicht heeft in zijn eigen leren, die wat meer verantwoordelijkheid aan kan of die het komt vragen, als hij vastloopt? “Dat is er eentje van de Stuifhoek”.

Ik weet ook dat het voor veel mensen moeilijk blijft hun ‘passie’, hun richting in het leven te vinden. Ik wéét dat er studenten in het hoger onderwijs zijn die nog steeds niet voor zichzelf, maar extrinsiek gemotiveerd het werk voor en van een ander doen. Ik wéét dat op ieder niveau deadlines met smoesjes omzeild worden. Met andere woorden: ik had graag nog nét wat eerder gezien dat Bart zichzelf aan het kwellen was met iets dat je langzaam moet leren.

Passiewerk op onze school heeft dan ook niet de inzet om alles nu al helemaal te kunnen. Het gaat om motivatie én om relatie. Het gaat erom jezelf te leren kennen. En om de attitude te ontwikkelen te willen oefenen. Want wat is leren (en leven) anders dan proberen – altijd maar blijven proberen om een klein beetje beter te worden dan je gisteren was.

Tom Pellis was directielid en leerkracht op OBS De Stuifhoek in Made. Vanaf 1 augustus 2012 is hij schoolleider op Nutsbasisschool Teteringen. Artikel i.s.m. Geert Bors