inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Arno van Uden


arnovanuden
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Klassikaal onderwijs! Omdat het altijd zo is geweest of vanuit een bewuste, pedagogische keuze en visie?’ hetkind.org/?p=55579

Ongeveer 9 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Verborgen vragen van Merel, een zogeheten ‘brutale’ leerling

15 juli 2015

arnovanuden

Als vmbo-leraar Arno van Uden start met een nieuwe mentorklas ontwikkelt Merel – een ogenschijnlijk ‘gewoon’ meisje – ‘moeilijker’ gedrag. Voor haar omgeving op school lijkt ze onbereikbaar. In zijn bijdrage vertelt Arno hoe hij haar vragen leert herkennen, zich hiervoor gaat inspannen en als gevolg een bloeiende ontwikkeling ziet. ‘Maar meester, wat is dat eigenlijk, brutaal zijn?’

We staan aan het begin van het nieuwe schooljaar. Ik ben dit jaar mentor van een eerstejaars klas vmbo, allemaal nieuwe leerlingen. Daaronder Merel.

De gesprekjes die ik met Merel voer, zijn kort. Zij reageert kortaf en een beetje norsig. Verder dan ‘ja’ en ‘goed’ antwoordt ze niet. Misschien is ze wat onzeker en ze lijkt niet gemotiveerd. Van collega-docenten hoor ik verder niets.

Inmiddels zijn we enkele maanden verder in het schooljaar, net na haar eerste (goede) rapport. Merel komt meer in beeld, haar gedrag is veranderd. Ze heeft een onverschillige houding, een grote mond en lijkt weinig zin te hebben. Vakdocenten komen vaker naar me toe. Apart van elkaar noemen ze Merel brutaal en onverschillig  Ze krijgt ook meer klassenboekaantekeningen.

Ik voer gesprekjes met Merel, maar die brengen geen verbetering. Ik besluit een leerlingcoach aan Merel te koppelen, een klasgenoot die een cursus heeft gevolgd om andere leerlingen te ondersteunen. Ook dit heeft geen effect. Daarna neem ik contact op met haar ouders. Deze ervaren ook Merels lastige gedrag en weten ‘het’ ook even niet.

Inmiddels naderen we het einde van de tweede rapportperiode. Het gedrag van Merel is niet veranderd, haar cijfers beginnen nu ook terug te lopen en de reacties van de vakdocenten blijven hetzelfde. Ik vind het lastig. Hoe zorg ik ervoor dat Merel weer plezier krijgt in school?

We staan aan het begin van de tweede ouderavond van dit schooljaar. Merel en haar ouders komen als een van de laatsten bij mij aan tafel. Het gesprek begint stroef, want het gaat niet zoals wij allemaal graag zouden zien. Ouders geven aan “het” ook niet te weten. Ik geef bij Merel nogmaals aan dat de vakdocenten haar brutaal en onverschillig vinden. Merel kijkt me bedenkelijk aan en vraagt:

‘Maar meester, wat is dat eigenlijk, brutaal zijn?’

Aha! Ik leg Merel aan de hand van een aantal voorbeelden uit welk gedrag ik bedoel. Eerdere ‘verwijten’ over haar gedrag heeft ze dus niet goed begrepen. Ze geeft mij nu een eerste handreiking om haar te helpen. Een ‘verborgen’ vraag.

Vanaf deze week gaat het steeds beter met Merel. Opvallende opmerkingen van collega-docenten zijn voorlopig verdwenen en ik probeer de ‘verborgen’ vragen te horen.

Inmiddels is Merel gestart in leerjaar 2. Ik ben nog steeds mentor van Merel en erg trots op haar. Haar gedrag is positief veranderd, ze neemt iniatief, ze is gemotiveerd, helpt andere leerlingen en ook de schoolresultaten zijn prima. Collega’s noemen haar een fijne, gemotiveerde leerling.

Halverwege het schooljaar staat Merel voor de keuze welke richting ze moet gaan kiezen. Ze kiest voor Zorg & Welzijn. Ik vraag haar waarom dat haar keuze is. Ze geeft aan dat ze het eigenlijk niet weet, maar dat ze iets moet kiezen.

Dan vraagt ze nog even tussendoor of het mogelijk is naar een andere leerweg (theoretische leerweg) over te stappen in leerjaar 3. Ik spits mijn oren voor deze ‘hulpvraag’. Ik geef aan dat die mogelijkheid er niet is, maar tegelijkertijd besluit ik voor haar mijn best te doen. Blijkbaar is dit haar wens en zij verdient dat ik dit ga onderzoeken. Merel is enorm gegroeid, zowel persoonlijk als in haar prestaties.

De overstap die Merel wenst, is eigenlijk niet mogelijk en deuren lijken dicht. Wat volgt zijn verschillende gesprekken en overwegingen met fijne meewerkende en meedenkende collega’s.

Tijdens het uitreiken van het rapport vraagt Merel nog een keer vlug aan me of ze kan overstappen, helaas kan en mag ik nog niets zeggen. Gelukkig kan ik haar enkele dagen later het goede nieuws vertellen. Ze mag overstappen. Merel reageert verlegen, maar ik zie dat ze trots is.

Merel heeft mij geleerd om haar ‘verborgen’ vragen te horen, te zien waar zij mee strijdt en wat belangrijk voor haar is. Hierdoor heeft ze mij de mogelijkheid gegeven om haar te helpen en zelf te groeien als docent.

Arno van Uden