inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Frederike de Jong


Frederike de Jong
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Hoe kan er ooit verbinding ontstaan als ik me al door één zin uit het veld laat slaan?’ hetkind.org/?p=54668

Ongeveer 4 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Wat is kennis: heenweg (deel 3/4)

30 oktober 2015

Frederike de Jong

Geplaatst in: Legitimering

In deel twee van haar essay bepaalde Frederike haar positie ten opzichte van de verschillende kennisvelden waarmee zij in aanraking is gekomen gedurende haar leven. Zij introduceerde hierbij ook de figuur van de vrouwelijke waarheid.
In dit derde deel van het essay beschrijft Frederike een aantal cruciale momenten in de geschiedenis van kennisontwikkeling, met daarbij in het bijzonder aandacht voor de vraag in hoeverre kennis verbonden blijft met ethiek. Uiteraard levert ook deze verhandeling vragen op voor de onderwijspraktijk, op basis waarvan positie kan worden bepaald in het eigen onderwijs.

kennisEerder schreef ik over een bloempot die in stukken viel, als metafoor voor de waarheid die gebroken is. Eén leerling zei, in een klassengesprek waarnaar hij tot dan toe stilletjes had geluisterd: “De pot is niet de waarheid. De waarheid zat in de pot. Nu de pot gebroken is, is de waarheid vrij.”

Een andere metafoor is die van een ei dat breekt en waaruit een kuiken wordt geboren. De waarheid is niet, of niet alleen, de eierschaal die in stukken breekt, maar (ook) het kuiken dat eruit kruipt. De metafoor van het ei komt in een aantal mythen voor, bijvoorbeeld als ‘het gouden ei van Brahma’ uit het hindoeïsme. Het is een metafoor van geboorte, van nieuw leven. Een andere belangrijke metafoor uit oude tijden is die van de grot als baarmoeder. Socrates – zoon van een vroedvrouw – vergeleek de filosoof met een vroedvrouw: hij helpt ‘de waarheid’ geboren te worden. Ook ‘de figuur van de waarheid’ is een metafoor voor ‘wat de waarheid is’, of niet is. De figuur heft zichzelf immers op en geeft ruimte aan een ‘nieuwe waarheid’ die vrijkomt als onze illusies zijn gebroken.

Als de westerse rationaliteit één zo’n scherf is van de metaforisch ‘gebroken waarheid’, dan kunnen we ons misschien een voorstelling maken van de situatie waarin de filosofen van het eerste uur zich bevonden toen hun mythische waarheid brak. Zij werden als het ware wakker in ‘een nieuwe wereld’ en gingen deze beschrijven. Enerzijds deden ze dat in vrijheid en vol zelfvertrouwen over alles wat de nieuwe wereld hen brengt, anderzijds verlangden ze terug naar de heelheid van het bewustzijn van het mythisch denken.

De filosofische traditie is dus te kenschetsen als een worsteling tussen deze beide posities: vrijheid en een toekomst vol mogelijkheden, versus scherven die ons herinneren aan een wereld van heelheid. Het uitgekomen ei is te verstaan als de figuur van de waarheid die zich heeft geopend. We staan voor de keuze eruit te kruipen, maar we kunnen ons er ook aan blijven vastklampen.

Volgens filosoof Arnold Cornelis (1934 – 1999) verloopt de menselijke ontwikkeling in drie fasen:

  1. De fase van het ‘natuurlijk systeem’, gekenmerkt door mythisch denken;
  2. De fase van het ‘sociaal regelsysteem’, gekenmerkt door normatief rationeel denken en,
  3. ‘communicatieve zelfsturing’, gekenmerkt door te leren ons eigen zelfbeeld te corrigeren in een logisch leerproces (Cornelis, 1998, pp. 177, 624).

Ons gevoel is in dat proces volgens hem het kompas waarop we kunnen varen: “Ons gevoel ‘weet’, aanvankelijk als logisch onbewuste sturing, wat goed voor ons is, wat waarheid is en schoonheid” (pp. 25, 782). Volgens Cornelis leven we in de drie verschillende systemen tegelijk, ook al bouwen we ze na elkaar op. Hij noemt het ‘de drie stabiliteitslagen in de cultuur’ (p. 22). Volgens hem maakt de cultuur thans de overgang van de tweede naar de derde fase van ontwikkeling en zijn veel problemen die we momenteel cultureel en collectief ervaren hierdoor te verklaren. De filosofie, die ontstond met het breken van ‘het mythische ei’, aarzelt volgens deze logica tot op de dag van vandaag hoe met de spanning tussen ‘hoe de wereld is’ en ‘hoe de wereld kan zijn’ om te gaan en we staan voor de uitdaging om een nieuwe stap op onze ontwikkelingsweg te zetten.

Voordat we begrijpen welke stap dat is, volgen we eerst de ontwikkeling van het westerse denken aan de hand van de filosofieën van een viertal filosofen, waarbij ik teruggrijp op de metafoor van ‘het ei’. Ik beschrijf hoe de vier filosofen ieder op hun eigen manier bijdragen aan ‘de geboorte’ van een menswaardige visie, een ‘nieuw paradigma’. Deze visie heeft als belangrijk kenmerk dat ze kennis grondt in de ethiek (een ethische oriëntatie) en deze niet verantwoordt door te verwijzen naar een werkelijkheid die bestaat of zou bestaan onafhankelijk van de tussenkomst van mensen (een ontologische oriëntatie). De volgende filosofen worden besproken, toegespitst op de aangeven onderwerpen:

  1. Plato – de grot
  2. Aristoteles – de vier oorzaken
  3. Kant – de grondslagen van kennis
  4. Latour – de constructie van kennis

Aan de hand van deze filosofieën is een aantal cruciale momenten in de geschiedenis van kennisontwikkeling te beschrijven. Daarnaast schenk ik aandacht aan een aantal andere filosofen die onontbeerlijke zijn voor een begrip van de beweging die ik in dit essay wil voltrekken, namelijk die van een ontologische naar een ethische oriëntatie.

Lees verder op het NIVOZ-forum

Frederike de Jong is filosofe en docente Godsdienst & Filosofie