inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Rien Spies


Rien Spies
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter
facebook
Hoe gaan we onze hang naar vertrouwen zo vormgeven, dat we erin kunnen geloven?

8 februari 2016

Rien Spies

‘Als je thuis of op school geen vertrouwen hebt gekregen en je je geen discipline eigen hebt gemaakt, kan die je alleen worden bijgebracht door repressie van de overheid. Die leidt niet tot inspiratie maar tot frustratie en uiteindelijk tot geweld.’ Zomaar een van de zinnen uit een interview van Peter Henk Steenhuis met Freek de Jonge, waarin Freek vertelt over vertrouwen, over discipline, over aandacht en vooral ook over religie als model voor inspiratie. Want, zo stelt Freek, van de verhalen uit de Bijbel en de betekenis die je eraan geeft, kunnen zowel kinderen als volwassenen veel leren. ‘Daar kun je met kinderen op jonge leeftijd mee beginnen. Dat begint met aandachtig luisteren naar het verhaal, naar de vorm. Concentratie op de details. En daarna komt de bezinning op de inhoud.’

Dit is een excerpt uit het boek De Zaanse Agora, een uitgave van de stichting Agora waaronder 25 scholen in de Zaanstreek vallen.  

freekdejongeHoewel Freek de Jonge aanvankelijk niet onder de indruk lijkt van het bildungsagoramodel, begint hij de verschillende sferen en de verschillende trainingssferen onmiddellijk verder in te vullen. ‘Dit model van Gude,’ zegt De Jonge, ‘zie ik als een overlevingsstrategie: het leven heeft op zichzelf geen zin en je moet de tijd dus maar op een zinvolle manier zien te doden. Daarbij helpen deze trainingssferen en is het handig de verschillende sferen te onderscheiden waarin we ons begeven.’

Toch gaat er volgens De Jonge wat aan deze trainingssferen vooraf. ‘We ervaren iets pas als zinvol als we het met anderen kunnen delen. Het is essentieel dat wij de ander opmerken en dat de ander ons opmerkt. Aandacht is adem voor de geest.’ ‘Als die aandacht er is, kun je je in de privésfeer ontplooien en thuis voelen als de onderlinge verhoudingen niet tot spanningen leiden. In de private sfeer kom je het beste tot je recht wanneer je menselijke waardigheid gerespecteerd wordt en je een gewaardeerde identiteit hebt. In de politieke sfeer heb je het meeste aan mondigheid en je vermogen om te luisteren, samen te vatten en te verbinden. En in de publieke sfeer word je aanvaard als je algemeen ontwikkeld en nieuwsgierig bent. Maar in alle vier sferen gaat het in de eerste plaats om vertrouwen.’

Wat is dan vertrouwen?

‘Vertrouwen is de vraag “mag ik er zijn?” positief kunnen beantwoorden.’

Is dat geen zelfvertrouwen?

‘Zelfvertrouwen ligt besloten in vertrouwen. Ik ben gelijk aan de ander, zoals de ander gelijk is aan mij, omdat de ander voor de ander ook ik is.’

Na de vier sferen neemt De Jonge de vier trainingssferen onder handen die ons vanaf de Grieken ter beschikking staan om ons in dit ‘gedoetje’, zoals Gude zou zeggen, een beetje staande te kunnen houden.

‘In de kunst gaat het om creativiteit, je probeert er originele oplossingen te vinden voor zelfgestelde problemen. Kunst is de catharsis zoeken, de emotionele zuivering zoeken, door je lijden vorm te geven in beeld en/of geluid. In de sport zoeken we de fysieke uitdaging. Het leven wordt er gezien als een competitie, een strijd, die je kunt winnen of verliezen. Sport is catharsis zoeken door gesublimeerd te lijden. In de religie proberen we fantastisch redenerend antwoorden te vinden op leven en dood. Religie is catharsis zoeken in de ritualisering van het lijden en de aanbidding van het mysterie. De filosofie is logisch redeneren, is zoeken naar een verantwoorde vrijheid voor je zelf, zonder die van de ander te beperken. Filosofie is: catharsis zoeken in zelfgekozen ethiek en moraal.’

Nu hebben we de vier sferen, en de vier trainingssferen.

‘Deze vier trainingssferen kun je vangen onder de noemer discipline.’

Waarom discipline?

‘Omdat we zorgvuldig moeten omgaan met de manier waarop we aandacht willen trekken. Daarbij moeten we de vragen beantwoorden: Wil ik er zijn? Wil ik meedoen?’

Stel dat we die vragen bevestigend beantwoorden.

‘Dan ontstaat vanzelf het vermogen om je te concentreren. En concentratie is de constatering: ik ben er.’

Lees hier het hele interview dat Peter Henk Steenhuis hield met Freek de Jonge (pdf).

3D-cover-350x500De Zaanse Agora op hetkind

De wereld verandert razendsnel, maar het aantal sferen waarin we ons bewegen, blijft door de eeuwen heen min of meer constant. Wellicht kunnen we in de acht sferen van het model – privé, privaat, publiek, politiek, religie, sport, kunst en filosofie – aanknopingspunten vinden voor toekomstgericht onderwijs.

Vanuit elke sfeer geven bekende Nederlanders en Zaankanters hun visie op Bildung, onder wie schrijfster Judith Koelemeijer, cabaretier Freek de Jonge, beeldhouwer Joost van den Toorn, wielrenner Mike Terpstra, burgemeester Geke Faber, restaurateur Bart Nieuwenhuijs en de directeur van het Zaans Museum, Jan Hovers. Denker des Vaderlands Marli Huijer diept het begrip Bildung verder uit. Via hetkind wordt een aantal verhalen in een wekelijkse serie gepubliceerd.

De samenstelling en redactie zijn verzorgd door Anneke Bax, Marja Bruinsma, Erno Eskens en Gerard van Stralen.

Klik hier om een exemplaar te bestellen