inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Adrie Groot


Adrie Groot
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Huilende moeders aan tafel. Het blijft lastig, zeker omdat ik de tranen vaak maar al te goed begrijp’ hetkind.org/?p=54821

Ongeveer 15 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Onderwijs en het bespreken, bepalen én verleggen van grenzen. In het belang van het kind zelf.

29 juni 2016

Adrie Groot

Elk mens – en dus ook een kind – heeft grenzen nodig. Maar de vraag is of deze grens in een pedagogische, dialogische verhouding wordt ontdekt en bepaald – of vanuit angst en controle door een overheid of derde partij wordt opgelegd. Bestuursvoorzitter Adrie Groot las het magazine van hetkind – over Grenzen in onderwijs en opvoeding –  en liet zich inspireren door het tweegesprek tussen Luc Stevens en Gert Biesta. Over zekerheden en angsten, dan wel het bespreken, bepalen en verleggen van grenzen. In het belang van het kind zelf.

Nivoz-_DSC7675-FINAL‘Dat kan toch niet waar zijn.’ Met verbijstering hoor ik het relaas aan van René, directeur van een basisschool. Vanuit een intensieve samenwerking tussen de onderbouwleerkrachten van de school en de pedagogisch medewerkers van de kinderopvang is een peuter/kleutergroep ontstaan. Binnen een veilige en uitdagende omgeving, omringd met professionals uit opvang en onderwijs, kunnen 3/4-jarigen zich optimaal ontwikkelen. De grenzen tussen opvang en onderwijs zijn niet zichtbaar en de doorgaande ontwikkelingslijn kan zo worden gefaciliteerd.

De gemeente Heerhugowaard blijkt hier nu heel anders naar te kijken. In deze samenwerkingsconstructie vervagen de grenzen tussen opvang en onderwijs en deze kan niet worden gehandhaafd door de GGD. Verboden dus!!!

Onderwijs, en zeker de omgeving van het onderwijs, bewaakt angstvallig de eerder ingenomen stellingen: de grenzen die getrokken zijn door overheid en bureaucratie. De angst voor verandering leidt tot het stringent bepalen en zorgvuldig bewaken van grenzen. Wat is jouw verantwoordelijkheid, waar ligt die van mij?

Het kind en zijn behoeften raken in die organisatorische werkelijkheid (en tweedeling) uit beeld. Luc Stevens refereert in een gesprek met Gert Biesta in het magazine ‘Grenzen – in onderwijs en opvoeding’ (uitgave HetKind, mei 2016) aan de Duitse neurobioloog Gerald Huther. Deze ziet grenzen als zekerheden die elk organisme zoekt en nodig heeft. Daarbij maakt hij onderscheid tussen onnatuurlijke grenzen (opvang, onderwijs), die geen rekening houden met de doorgaande ontwikkeling van kinderen (Ze zijn ontstaan en ingericht vanuit economische, beheersmatige motieven), en oriëntaties op waarden en normen. Niet als geboden en verboden, maar als waarden die ‘ergens’ ook begrenzingen inhouden. Het begrip begrenzingen raakt volgens Gert Biesta aan een existentiële vrijheid, die juist bestaat in het erkennen van grenzen.

Nivoz-_DSC7552-FINALStevens en Biesta worden scherp als het gaat om onderwijs dat grenzen zou moeten overschrijden. Angst wordt gezien als een stevige begrenzer. Stevens vindt het een pedagogische opdracht van opvoeders, maar ook van professionals (lees: gemeenten) om hun angsten te beteugelen, en dus op grenzen die worden ingegeven door angst op te heffen en te verleggen.

Nog even terug naar René, de directeur. Het is toch van de gekke, zegt hij, dat er 25 kleuters in een lokaal onderwijs mogen genieten en – als om 15.30 uur de bel gaat – de gehele ruimte verbouwd moet worden omdat er maar maximaal 15 peuters in een peuter-BSO mogen genieten. Waar zijn we mee bezig?

Biesta geeft aan dat de angstige samenleving leidt tot snelle, uit angst getrokken (organisatorische?) grenzen. Populistische politici bieden daarmee gemakkelijke antwoorden, schijnveiligheden, voor de korte termijn. Ze appelleren aan het verlangen naar eenduidigheid en veiligheid.

Alle professionals, rondom het kind, hebben de verantwoordelijkheid tot verbinden: je durven verhouden tot mogelijkheden en verantwoordelijkheden.

De conclusie van zowel Biesta als Stevens is dat we geen genoegen moeten nemen met gemakkelijke antwoorden. Het is onze verantwoordelijkheid om in verbinding – vanuit onze pedagogische opdracht voor het kind – grenzen te bespreken, te verleggen, maar ook gezamenlijk vast te stellen en te borgen. Een kwestie van zelfbegrenzing, maar niet vanuit angst.

Adrie Groot is voorzitter van het College van Bestuur bij stichting Flore.

Grenzen in onderwijs en opvoeding

Grenzen zijn binnen onderwijs en opvoeding een klassiek thema. Maar waar enerzijds een roep is om meer en hardere grenzen, voelen we anderzijds ook een verlegenheid bij het stellen van die grenzen. Waar komt dat ongemak vandaan en hoe gaan we ermee om? Het vierde magazine van hetkind draagt het thema GRENZEN. Het magazine is te bestellen via deze link.

cover magazine nr 4 (mei 2016) v11Het magazine van hetkind is een halfjaarlijkse uitgave. Het themanummer ‘Grenzen’ is de vierde in de reeks, na Passend Onderwijs– Niemand buitengesloten (najaar 2014) en Ik wens je de wereld – mens, maatschappij en onderwijs (voorjaar 2015) en Vertrouwen, in onderwijs en opvoeding (najaar 2015). Het fraai vormgegeven blad wordt door scholen – schoolleiders en docenten – maar ook door ouders  en andere betrokkenen steeds nadrukkelijker gebruikt wordt om het gesprek over goed onderwijs te verdiepen. Het biedt inspiratie en legitimatie. We vragen om minimaal vijf exemplaren af te nemen, juist om ook de verbinding te leggen met collega’s of andere mensen in uw onderwijs- of opvoedkring. De prijs (20 euro per 10 exemplaren) hebben we bewust heel laag gehouden.

‘Grenzen’ tref je in vele vormen in dit vierde magazine – andermaal zeer fraai vormgegeven door De Ruimte Ontwerpers – aan. Niet zozeer benaderd als ‘wij moeten meer grenzen stellen’, maar als een ontdekkingsreis langs onze fysieke, morele en maatschappelijke grenzen.