Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Rikie van Blijswijk


Rikie van Blijswijk
Bekijk mijn profiel

twitter

Een schone taak: ‘waarheden’ steeds opnieuw wegen en overdenken hetkind.org/2017/07/23/sch…

Ongeveer 5 uur geleden op hetkind's Twitter via Echofon

facebook
Recensie: ‘Streven naar beter. Nietzsche als gids voor het HBO’

2 juli 2017

Rikie van Blijswijk

Geplaatst in: Legitimering

De titel intrigeert: Streven naar beter? Nietzsche….? De naam komt bekend voor, maar wie was hij en wat is zijn verhouding tot de wereld? De boekenkring van de Leerschool boog zich samen met de auteur, Henriëtta Joosten, over het boek en hetkind-redacteur Rikie van Blijswijk schrijft deze boekbespreking. ‘De heersende praktijk om leerdoelen, lesinhouden en beoordelingswijzen vooraf tot in detail vast te leggen, prikkelt studenten en docenten evenmin om eigen ‘vergezichten’ te ontwikkelen.’

Onze nieuwsgierigheid is wel geprikkeld. Op een nieuwe bron stuiten is immers inspirerend en biedt nieuwe inzichten. -Streven naar beter- vormt de kern van het boek en is uitgewerkt in vijf elementen.

Nietzsche heeft, volgens Joosten, als een van de eerste filosofen de vraag hoe te leven in een wereld van verandering en versnippering op radicale wijze doordacht (p. 15). Zijn uitdagende opvatting van -het zelf- als het veranderlijke resultaat van de krachten die op, in en rondom het individu werken, omarmt de menselijke conditie van onzekerheid op radicale wijze (p.16). In navolging van zijn kritische en experimentele denken worden in dit boek vijf cruciale elementen van het streven naar beter uitgewerkt:

  • omgaan met onzekerheid
  • excellentie
  • kritisch denken
  • waarheidszoekende vriendschap
  • leren met vallen en opstaan.

Die vijf elementen lijken te verwijzen naar hoe iemand het leven aan kan gaan. Joosten hanteert ze in haar boek om te verkennen hoe een docent Hoger Beroeps Onderwijs daarmee uitdagender onderwijs kan bieden aan toekomstige professionals. De woorden zijn herkenbaar voor een docent. Vooral het vierde element – waarheidszoekende vriendschap- spreekt aan: docent en student zijn op een gelijkwaardige wijze  met elkaar in gesprek en bevragen elkaar. Dan komt het er niet meer op aan wie welke rol heeft en wordt plezier beleefd om met elkaar steeds maar weer diepere lagen in een kwestie aan te boren.

Nietzsche, niet de meest optimistische filosoof, zet in zijn werk graag alles op zijn kop. Vanuit die chaos bekijkt hij opnieuw hoe het ook kan. Henriëtta Joosten neemt in dit boek afstand van de destructieve Nietzsche. De scherpe kanten zijn eraf en ze maakt hem ‘behapbaar’. Ze bedient zich van haar eigen taal om beter door docenten verstaan te worden en inspirerend te zijn. Dat was niet eenvoudig, maar ze  is er wel in geslaagd. Het boek is een lezenswaardige en vooral vitale oproep aan docenten geworden om te ‘stretchen’ naar moeilijker, naar uitdagender onderwijs voor studenten.

Streven naar beter
De titel is interessant, maar roept ook meteen de vraag op waarnaar dan gestreefd wordt? Naar (nog) meer doelgericht handelen? Is het een individueel streven zoals topsporters doen? Is dat beter onderwijs? Wie bepaalt wat ‘beter’ inhoudt? En wat wordt dan (ver)beter(d)? ‘Het ideaal van een meritocratische samenleving kent ook nadelen als het gaat om het voorbereiden van studenten op de beroepspraktijk van de eenentwintigste eeuw’,  schrijft Joosten (pag. 12). Ze benoemt de roep om transparantie en de druk om te presteren die studenten en docenten weinig ruimte bieden om eigen horizonten te creëren. Ook het accreditatiesysteem en de wijze van financiering staan het experimenteren met nieuwe, meer eigen invullingen van de beroepspraktijk in de weg; standaarden en criteria bepalen het type professional dat moet worden ‘geproduceerd’.

Henriëtta neemt de lezer mee op ontdekkingstocht naar -het streven naar beter-  aan de hand van de vijf bovengenoemde elementen.

In hoofdstuk 1 werpt zij de vraag op in hoeverre studenten worden voorbereid op onzekerheid en schetst, na een uiteenzetting van Nietzsche ’s notities van het apollinische (streven naar orde en zekerheid) en het dionysische (het menselijke verlangen naar chaos) drie onderwijsmodellen, die deze twee menselijke krachten wel of geen ruimte bieden.

Vanuit het idee van ‘excelleren voor allen’ gaat hoofdstuk 2 over Nietzsche ‘s denken om excelleren op te vatten als het vermogen om jezelf te overwinnen. De vergelijking met de ander speelt volgens hem daarin geen rol.

Kritisch denken komt in hoofdstuk 3 aan de orde. Hoewel hoog op de agenda op vele scholen blijkt dat in de praktijk lastig, want ‘Studenten de kunst van een radicaal kritisch en creatief ‘ja, maar’ leren past niet binnen de huidige context van het hoger beroepsonderwijs’ (pag.77) Nietzsche biedt wellicht mogelijkheden en uitdagingen daartoe. In zijn opvatting kan alles ter discussie worden gesteld, ook de zogenaamde universele, interdisciplinaire standaarden. Wat ‘beter is’, is werkelijk open (pag. 76)

Met de introductie van de notie van waarheidszoekende vriendschap beoogt hoofdstuk 4 het denken over de interactie tussen docent en student te verrijken.

In hoofdstuk 5 over vallen en opstaan wordt helder dat streven naar beter doorzettingsvermogen vergt. Het biedt handvatten voor een leeromgeving waarin zowel de ups als de downs in het leren welkom zijn.

Casus
Tenslotte beschrijft Henriëtta twee casussen waarbij ze als docent zelf was betrokken.
Met name de beschrijving van het project waarin ze aan elf ouderejaarsstudenten vraagt om een minor projectmanagement te ontwikkelen is illustratief voor wat ze met dit boek wil bereiken. De studenten kregen amper zekerheden voor deze opdracht, slechts een korte beschrijving van de noodzaak van een nieuwe minor.

De studenten moesten zich in een onbekend deel van de beroepspraktijk inwerken, terwijl ze voor de eerste keer onderwijs ontwikkelden. Joosten beschrijft met behulp van de vijf elementen uitgebreid de voortgang van het project. Het werk van de studenten mondde uit in een keuzeminor die daadwerkelijk is aangeboden door De Haagse Hogeschool, waar Henriëtta werkzaam is.

Het boek is zeer toegankelijk geschreven, vinden de leden van de boekenkring van de Leerschool. Bovendien biedt het talloze overdenkingen en suggesties om het bestaande curriculum van Hogescholen te verrijken met uitdagende, prikkelende lessen om studenten te leren streven naar beter in een wereld waar ‘beter’ steeds weer verandert.

Streven naar beter. Nietzsche als gids voor het HBO
Auteur: Henriëtta Joosten
Zoetermeer 2016

Deze recensie is geschreven door Rikie van Blijswijk, redacteur van hetkind en eigenaar van De Leerschool.

Om u beter van dienst te zijn, maakt hetkind.org gebruik van cookies » Meer informatie