profiel

Kris Van den Broeck


Kris Van den Broeck
Bekijk mijn profiel

twitter

Beschouwing voor onderwijsfilmprijs van het jaar, deel 6: Nee heb je hetkind.org/?p=59547

Ongeveer 3 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Een kleuterkampje met politiebezoek

26 juli 2017

Kris Van den Broeck

COLUMN – In haar grote ontdektuin geeft peuterjuf Kris Van den Broeck deze zomer een kamp voor kinderen van 3-6 jaar. Ze doen aan yoga, knutselen, ontdekken en praten met elkaar. En hoe! Als op een regenachtige dag twee politieagenten op de stoep staan omdat de buurt geklaagd heeft, voelt Kris het onweer ook in haar buik. Zij probeert alleen maar iets op te bouwen, iets wat de wereld een beetje mooier kan helpen maken, haar eigen inbreng aan een zachtere maatschappij.
De ondertitel die Kris voor dit artikel had, was: ‘..o
f de gezonde logica en de nodige dosis relativeringsvermogen van kleuters’. Lees hier hoe de kinderen met elkaar reageren op deze onverwachte wending.

In mijn vrije tijd ben ik als zelfstandige zaakvoerder van ‘Toverpap’. Een klein ‘bedrijfje’ dat me in de mogelijkheid stelt om yogales te geven aan (heel) jonge kinderen en voorleessessies en creatieve workshops te organiseren bij mij thuis of op andere plekken.

Ik ben immers intussen 35 jaar aan het werk als kleuterleidster en ga ervan uit dat ik over een niet zo al te groot aantal jaren met pensioen moet. Mijn kleine zaak is dan ook mijn perspectief en ik heb nog wel wat toekomstdromen.

Vorige week, half juli, organiseerde ik bij me thuis, in mijn nieuw aangelegde tuin, een kleuterkampje voor kinderen tussen 3 en 6 jaar oud. Een groepje van tien kinderen, met vijf op de wachtlijst. Kampjes buiten de reguliere speelpleinen zijn hot deze dagen en een fijne afwisseling en oplossing voor ouders en kinderen die maar enkele weken zomervakantie hebben.

Het zat goed. Toffe groep, rustige kinderen, het weer hielp mee, niemand die zich liep te vervelen, vriendschappen werden gesmeed, iedereen kwam ‘s ochtends blij aan en ging ook blij weer naar huis. Als er al eens even een discussie of conflict was, werd erover gepraat en naar een oplossing gezocht. De week ging door zonder gekrijs en gehuil, kinderen gingen mee in mijn gevoel van ‘we kunnen het ook op een andere manier oplossen, maar daar moeten we wel wat moeite voor doen’.

Leven in mijn huis en tuin en dan vooral met kleuters, tja, het is een groot stuk van mijn passie. Anders zou ik met dit initiatief niet zijn begonnen.

Woensdagmiddag, de lucht begon donker te worden, dikke wolken pakten zich op elkaar en we hoorden gerommel van een aankomend onweer. De regendruppels werden dik en we kropen samen onder onze grote tent, even aankijken, of we buiten zouden blijven of toch maar even binnen voor het middageten. Als volwassenen rustig blijven bij een onweer, dan schieten kinderen ook niet in paniek bij een bliksem in de verte of een donderslag, maar de veiligheid gaat voor en je weet maar nooit hoe een kind plots reageert en heftig bang wordt,…

We wachtten dus even af. Plots geroep. ‘De politie is daar!, juf!’ Ik keek en zag een auto de oprit oprijden, maar had de zijkant  niet gezien en dacht dat ze een grapje maakten. Enkele seconden later renden twee politiemannen tussen de onweersdruppels door naar onze tent. Ik begreep niet wat er gebeurde, en voelde me van binnen beginnen te trillen. En tegelijkertijd rustig te blijven. De kinderen, op dat moment allemaal rond de tafel, keken van mij naar de twee agenten en terug. Ik vroeg wat er aan de hand was, werd van binnen heel ongerust, dacht dat er misschien bij iemand thuis iets was gebeurd, er ging vanalles door mijn hoofd. ‘Of we ergens konden praten, gewoon, niet met de kinderen erbij’… Lieve deugd… dit moest wel ernstig zijn… ik vroeg iedereen even rustig te blijven zitten, en dat ik dadelijk terugkwam, liep met de agenten naar binnen en zei hen dat ik zeer ongerust was over dit onverwachte bezoek.

Dat er een melding was geweest, uit de buurt. Dat ik een illegale kinderopvang open zou houden en geen verzekering daarvoor had.

Ik hoorde dat onweer meer in mijn buik dan dat het buiten rommelde, gromde en bliksemde. Heel mijn lijf begon pijn te doen. Ik geloofde niet wat ik hoorde. Ik woon in een buurt waar wel wat kinderen wonen, waar iedereen buiten speelt, waar je elkaar wel kan horen in de tuin maar toch ook niet echt luid, aangenaam, gewoon, onze tuinen liggen allemaal naast elkaar maar zijn ruim genoeg om kinderen te laten spelen, je gras te maaien, buiten te werken,… zonder dat er iemand anders hinder van ondervindt.

Mijn verzekeringen zijn in orde, voor al wie zich daar bij het lezen vragen over zou stellen; ik werk legaal als zelfstandige in bijberoep omdat ik werken met kinderen zo dankbaar en leuk en ontspannend vind, en ik denk dat ik ervaring genoeg heb opgebouwd om op een verantwoorde manier een klein groepje kinderen enkele dagen te laten genieten van ‘den buiten’.

Er werden foto’s gemaakt van mijn papieren, hilarisch in feite als je erover nadenkt, en de agenten vertelden dat er wel een zwaar onweer aankwam. Ik heb hen gerustgesteld, mijn huis heeft ruimte genoeg om voor een paar uurtjes binnen te gaan tot de bui weer over zou zijn.

Okee. Zo ver waren we. Terug naar de kids, waar ik even vertelde dat de politiemannen kwamen waarschuwen voor het onweer en dat we binnen zouden gaan lunchen, omdat het toch wel erg begon te donderen en bliksemen. Ik maakte mijn yogakamer vrij van opgeslagen materiaal en iedereen zocht een plekje op de kussens. Maar die buik van mij… vol tranen en pijn…

Dus voor de boterhammen werden uitgehaald, heb ik het aan mijn groepje kleuters verteld, wat er eigenlijk aan de hand was. Dat de politie niet alleen maar kwam voor het onweer. Maar dat er mensen in de buurt hadden gebeld naar hen om te zeggen dat ze ons kampje maar vreemd vonden en dat het leek alsof ze niet graag hadden dat die kinderen hier kwamen spelen bij mij. Dat er nu eigenlijk veel tranen in mijn buik zaten, want dat ik het zo gezellig vond en iedereen zo flink met dat onweer, en geen gezeur of geklaag over regen of wind, dat het zo fijn was met ons groepje, maar dat me dat nu wel veel buikpijn bezorgde dat er grote mensen daarvoor naar de politie hadden gebeld.

Het was even stil. En er stonden een paar kleuters recht die me een kusje en een knuffel kwamen geven. En toen begonnen ze zelf antwoorden te zoeken.  Waarom…  Ik weet niet zo goed meer wat ze allemaal zeiden, de shock in mijn lijf was eerlijk gezegd nogal groot (ik ben verantwoordelijk voor tien kinderen op dat moment, en het belangrijkste is om zelf rustig te blijven in zo’n situaties), één van hun opmerkingen was ‘dat ik misschien naar hen toe moest gaan om te vertellen dat dit niet leuk is’ en andere mogelijke hypothesen, maar het kwam er uiteindelijk op neer dat ze dachten dat andere – grote – mensen zagen dat wij het hier gezellig hadden zo, met al die kinderen samen en dat zij dat niet hadden en dat ze dus ook misschien vonden dat wij dat plezier dan ook niet mochten hebben. ‘Jullie denken dat ze een beetje jaloers zijn?’ vroeg ik. Waarop de reactie kwam ‘Misschien moeten we gaan vragen of ze mee willen komen doen met ons, juf?’  

Waarna we samen onze boterhammen aten, een yogalesje hadden en weer buiten gingen spelen toen de zon door de wolken kwam. Zand erover.

Je kunt nog veel meer foto’s van het prachtige kleuterkampje in de achtertuin van Kris bekijken op haar website.

Kris Van den Broeck is leerkracht op basisschool Vierwinden in Sint-Jans-Molenbeek. Zij schrijft ook op haar eigen blog.

Om u beter van dienst te zijn, maakt hetkind.org gebruik van cookies » Meer informatie