profiel

Rikie van Blijswijk


Rikie van Blijswijk
Bekijk mijn profiel

twitter

@peterteriele Een grote bron van inspiratie en een ontzettend dapper mens bovendien!

Ongeveer een uur geleden op NIVOZ-platform hetkind's Twitter via Twitter Web Client

facebook
Jean-Jacques Rousseau en zijn meesterwerk Emile: ‘De mens is in zichzelf vrij en onafhankelijk.’

4 januari 2018

Rikie van Blijswijk

Geplaatst in: Opvoeding, Legitimering

In de ‘Pedagogische Canon’ vindt u een serie portretten van onderwijswetenschappers en -denkers, uit heden en verleden. Hun werk is van betekenis voor een beter verstaan van goede onderwijspraktijk. Via kernbegrippen, definities en eerder gepubliceerd werk trachten we de essentie te vatten.  In deze aflevering Jean-Jacques Rousseau, één van de meest invloedrijke Verlichtingsfilosofen uit de achttiende eeuw, die het hart en de ‘natuurlijke toestand’ van de onbedorven mens centraal stelt. ‘De mens is in zichzelf vrij en onafhankelijk.’

Jean-Jacques Rousseau (1712-1778)  is pedagoog, componist, muziektheoreticus en één van de meest invloedrijke filosofen uit de achttiende eeuw. Zijn werken beïnvloeden het politieke denken in Europa en inspireren tijdens de Franse Revolutie. Het opvoedkundige boek Emile wordt als een belangrijke bijdrage aan de pedagogiek gezien. Geboren in de Eeuw van de Rede behoort Rousseau tot één van de grote Verlichtingsfilosofen. Hij deelt met hen het geloof in vrijheid en gelijkheid, maar niet de rede die tot vooruitgang leidt. Bij Rousseau staat het hart en de ‘natuurlijke toestand’ van de onbedorven mens centraal. Deze leeft als wilde of als plattelandsmens, twee types die Rousseau verheerlijkt, omdat ze een natuurlijk leven leiden. De mens is in zichzelf vrij en onafhankelijk, aldus Rousseau, maar wordt uiteindelijk bedorven door luxe, vooruitgang en wetenschap. Met deze visie behoort hij ook tot de grondleggers van de Romantiek.

De mens is in zichzelf vrij en onafhankelijk

Zijn leven en zijn werk

Rousseau is op 28 juni 1712 geboren in een welgestelde familie in Genève. Zijn vader is ambachtsman en zijn moeder behoort tot de elite; zijn voorouders uit Frankrijk gevluchte Hugenoten. Moeder overlijdt twee dagen na zijn geboorte waarna het gezin verarmt.

In Bekentenissen (1782) schrijft hij over zijn opvoeding, waarin hij niet mocht buiten spelen met andere kinderen en thuisonderwijs kreeg. Op z’n derde las hij diverse Franse literaire werken, waaruit hij, naar eigen zeggen, zijn romantische beeld van de wereld heeft opgebouwd.

Na veel omzwervingen ontmoet hij in Annecy zijn tutor en latere minnares Louise De Warens. Zij brengt hem de passie voor muziek, cultuur en de liefde bij en regelt diverse baantjes voor hem. In 1742 vertrekt hij naar Parijs om componist en muziekleraar te worden. Dat wordt geen succes, maar hij ontmoet er twee vrienden die de aanzet vormden voor zijn latere filosofische werken en zijn echtgenote Thérèse Levasseur. De vijf kinderen worden na hun geboorte ondergebracht in een weeshuis. Deze opvallende keuze maakt Rousseau, die in zijn bekendste werk Emile over de opvoeding van kinderen schrijft, omdat hij denkt dat zij daar beter worden opgevoed dan in kringen van de high society. Veel later krijgt hij spijt van deze keuze.

De mens in van nature goed

Zijn vriend en filosoof Diderot moedigt hem aan een essay te schrijven voor een wedstrijd uitgeschreven door de Academie van Dijon. –Heeft het herstel van de wetenschappen en kunsten bijgedragen tot een hogere moraal? is de prikkelende vraag. Rousseau schrijft zijn Discours sur les sciences et les arts, waarin hij stelt dat beschaving en cultuur de vernietiging van de menselijke aard betekent. Deze stelling neemt hij zijn leven lang in. Zijn essay wordt veel gelezen en besproken vanwege de controversiële inhoud. Het idee dat de mens van nature goed is, maar dat maatschappelijke instellingen de mens slecht maakt, botst met het vooruitgangsdenken van de Verlichting. Rousseaus wereldvisie kan op veel kritiek rekenen. Sommige zien hierin een gevaar voor de gehele maatschappij.

Eigenliefde en medelijden

In zijn tweede essay Discours sur l’origine et les fondements de l’inégalité parmi les hommes beschrijft Rousseau de fysieke en de politieke ongelijkheid. De fysieke ongelijkheid is een natuurlijk gegeven, maar de politieke (of morele) ongelijkheid wordt bewust door de elite gecreëerde om hun eigen positie te handhaven. De natuurlijke mens overleeft dit omdat hij in staat is tot eigenliefde en medelijden voor de medemens, waardoor samenwerking mogelijk is. De jury vindt dit werk te lang en te controversieel. Rousseau publiceert het zelf.

In 1761 voltooit hij de bestseller van zijn tijd Julie ou la Nouvelle Heloïse, een roman over een onmogelijke liefde tussen twee mensen van verschillende standen. Ook hierin verwerkt Rousseau zijn kritiek op de moderne maatschappij, want ‘haar regels belemmeren dat authentieke emoties worden geuit’.  

Een jaar later volgen zijn twee filosofische meesterwerken: het politiek kritische werk Le contrat social en zijn opvoedkundige werk Emile. Door zijn kritiek op het geloof zijn de reacties zeer kritisch en worden de boeken verboden en worden ze massaal verbrand. Rousseau vlucht naar Zwitserland.

Emile, het opvoedkundig boek 

Emile bestaat uit vijf delen, waarin Rousseau zijn gedachten over opvoedingsfilosofie beschrijft. Zijn uitgangspunt is dat de mens van nature goed is. Hij prijst de natuurlijke staat van de mens en ziet de zogenaamde ‘edele wilde’ als ideaal. Omdat dit ideaal onhaalbaar is, richt hij de opvoeding op het cultiveren van de natuurlijke aard van het kind. In zijn visie ligt de nadruk in de opvoeding op de ontplooiing van zowel de eigenliefde als op de naastenliefde. Door deze te cultiveren neemt het egoïsme, dat de maatschappelijke orde overheerst, af en ontstaat een gelijkwaardiger verhouding tussen mensen.

Tijdens één van zijn gebruikelijke morgenwandelingen op 2 juli 1778 sterft hij aan een hersenbloeding op 66-jarige leeftijd. Hoewel hij tijdens zijn leven vaker in aanvaring is gekomen met de maatschappelijke orde,wordt zestien jaar later zijn lichaam herbegraven in het Panthéon in Parijs, naast andere beroemde Fransen die hebben bijgedragen aan de Franse Revolutie.

Bronnen

Meer lezen?

 

 

Om u beter van dienst te zijn, maakt hetkind.org gebruik van cookies » Meer informatie