profiel

Wim van Werkhoven


Wim-van-Werkhoven
Bekijk mijn profiel

twitter

Wéér een e-book: kijken door een filosofisch-ethische bril naar onderwijs, wat doe je dan? hetkind.org/?p=63574

Ongeveer 11 uur geleden op NIVOZ-platform hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Kees Boeke en zijn Werkplaats Kindergemeenschap: ‘Geen scholing, maar elk kind helpen te worden wat het is.’

4 januari 2018

Wim-van-Werkhoven

Geplaatst in: Samenleving, Legitimering

In de ‘Pedagogische Canon’ vindt u een serie portretten van onderwijswetenschappers en -denkers, uit heden en verleden. Hun werk is van betekenis voor een beter verstaan van goede onderwijspraktijk. Via kernbegrippen, definities en eerder gepubliceerd werk trachten we de essentie te vatten.  In deze aflevering Kees Boeke, een reformpedagoog die zijn kinderen in 1925 van school haalt en drie jaar later de Werkplaats  Kindergemeenschap in Bilthoven startte. Individuele ontplooiing en een sterke sociale gerichtheid gaan er hand in hand. ‘Mijn bedoeling is de kinderen niet te “scholen” , maar hun de gelegenheid te geven door allerlei soorten werk zich naar hun eigen aard en aanleg te ontwikkelen.’

Kees Boeke (1884-1966) is bekend geworden als één van de reformpedagogen in Nederland. In overleg met zijn Engelse echtgenote Beatrice Cadbury werden hun vier dochters eind 1925  van school gehaald om vanaf januari 1926 ze zelf huisonderwijs te geven. Het huisonderwijs en vanaf 1929 het schoolgebouw werd Werkplaats genoemd, later Werkplaats Kindergemeenschap.

‘Waarom “Werkplaats”  en niet “school”? De reden waarom ik die naam gekozen heb, is dat ik bij “school” altijd geneigd ben te denken aan iemand die “geschoold” wordt en het mijn bedoeling juist is de kinderen niet te “scholen” , maar hun de gelegenheid te geven door allerlei soorten werk zich naar hun eigen aard en aanleg te ontwikkelen (…). Wat ik dus wilde trachten te vormen was inderdaad een plaats om te werken, vandaar de naam (Kees Boeke, p.12).  ’

Kees Boeke en zijn vrouw beginnen met hun vier kinderen en twee kinderen uit de buurt met huisonderwijs uit algehele onvrede met het overheidsbeleid. Zij hebben nog geen duidelijke onderwijsvisie. Ze beginnen gewoon met boekjes en schriften die ze reeds in bezit hebben. Wel hebben ze twee algemeen doelen van opvoeding voor ogen:

  • elk kind helpen te worden wat het is
  • het met elkaar ontwikkelen van een (kinder)gemeenschap, gebaseerd op een subjectief-normatieve dialoog.

Individuele ontplooiing en een sterke sociale gerichtheid gaan hand in hand. Leerlingen worden ‘werkers’ genoemd, omdat zij werken aan hun eigen ontwikkeling. De leraren zijn de helpende en begeleidende ‘medewerkers’. De grote kracht van Kees Boeke is een grote empathie voor kinderen, een enorme levenskracht, vindingrijkheid en creativiteit op vooral technisch en kunstzinnig gebied.  Na de start in een kamer van een bevriende relatie breidt de werkplaats zich langzamerhand via meerdere kamers, een villa en vervolgens meerder huizen verder uit. In 1929 wordt op aanwijzingen van Kees Boeke een nieuw schoolgebouw betrokken.

De praktijk
In zijn boek, dat verschijnt in 1934, beschrijft Kees Boeke in hoofdstuk 4 uitgebreid de praktijk van het gemeenschapsleven op de Werkplaats. In het boek van Hans-Jan Kuipers wordt vermeld dat in 1929 Langeveld, de latere hoogleraar Pedagogiek in Utrecht, reeds in 1929 een bezoek brengt aan de Werkplaats en daarover rapporteert. In 1936 brengt het Delftse schoolhoofd en later gemeentelijk inspecteur van onderwijs en jeugdzorg in Utrecht ook een verslag uit. De uitgebreide praktijkbeschrijvingen van Kees Boeke worden door beide auteurs bevestigd en worden in vijf hoofdzaken beschreven.

  1. Het zelfbestuur van  de Werkplaats wordt een jaar na de start ingevoerd. De gang van zaken op school wordt geregeld tijdens een wekelijkse bijeenkomst van de werkers en de medewerkers. In deze ‘Bespreking’ onder leiding van één van de leerlingen wordt met algemene stemmen (dus niet op grond van meerderheid) alle zaken betreffende leermiddelen, taken, organisatie, gedrag en relatie met de buitenwereld doorgenomen.  Met de groei van de school worden deze bijeenkomsten georganiseerd naar leeftijdsgroep.
  2. De Werkplaats heeft gezinsvervangende kenmerken. De kinderen waarvan een aantal uit omringende gemeenten komen, blijven tussen de middag op school en gebruiken gezamenlijk met de medewerkers de maaltijd. Die bestaat meestal uit verse producten, door de werkers zelf gekweekt in door een relatie beschikbaar gestelde eigen tuin en boomgaard. Tafel dekken, koken, afruimen en afwassen wordt in ploegen gedaan.
  3. Er is sprake van coöperatie, zoals in een werkplaats gebruikelijk is. Gezamenlijk wordt er aan gewerkt iets te realiseren. Er wordt samen getuinierd, paden betegeld, kasten en tafels getimmerd, gebouwen en terreinen onderhouden, toiletten schoongemaakt, toneel en muziek gemaakt. Er wordt veel gezongen, vaak door Kees Boeke gemaakte teksten en muziek. Ook met bos- en nachtwandelingen, maandelijkse excursies en jaarlijkse werkkampen wordt een gevoel van saamhorigheid gestimuleerd.
  4. Er wordt niet alleen onderricht gegeven in de traditionele schoolvakken. De Werkplaats stimuleert niet alleen het hoofd, maar evengoed hart en handen. Naast leerwerk en handenarbeid (hout- , leer- en metaalbewerking, pottenbakken) moeten de werkers bijdragen aan huishoudelijke taken. De school is immers vooral voor hen. Toiletten moeten worden schoongemaakt, evenals de lokalen en de gangen. Na gedane arbeid moet worden opgeruimd. Ook buiten werken zij bij toe beurt als een soort plantsoendienst. De werkers regelen ook de schoolkrant. Veel ruimte wordt gegeven aan kunstzinnige vorming: tekenen, schilderen, volksdansen.
  5. De werkers krijgen veel vrijheid om zich naar eigen talent en tempo te ontwikkelen. Regelmatig worden toetsen afgenomen en besproken met de werkers. Daarnaast worden ze aangesproken op hun verantwoordelijkheid voor de goede gang van zaken.

Bronnen:

  • Kees Boeke (1934, herdruk 1984). Kindergemeenschap. Zaandijk: Klaas Woudt B.V.
  • Hans-Jan Kuipers (1992). De wereld als werkplaats. Amsterdam: Stichting beheer IISG.
  • Beatrice Boeke-Cadbury (2003). Het leven van Kees Boeke. Bilthoven: Stichting De Bron.
  • Daniela Hooghiemstra (2013).De geest in dit huis is liefderijk. Het leven en De Werkplaats van Kees Boeke (1884-1966). Amsterdam: Arbeiderspers
  • www.wpkeesboeke.nl

 

 

 

 

 

Om u beter van dienst te zijn, maakt hetkind.org gebruik van cookies » Meer informatie