Leidende principes

De leidende principes van hetkind vormen geen methode, geen handboek. Ze zijn het fundament van een goede veelvormige onderwijspraktijk en bieden mogelijkheden om onderwijs met opvoeding en ontwikkeling te verbinden.
De principes zijn vertrekpunten. Er kan, zo stellen wij ons voor, op veel manieren invulling en vorm aan worden gegeven.

Zeven leidende principes

1. Goede onderwijspraktijk is talent- en ambitiegedreven
Leerlingen krijgen de kans te laten zien wat ze kunnen en willen. Zij worden uitgedaagd en ondersteund, afhankelijk van hun kennelijke mogelijkheden.

2. Goede onderwijspraktijk daagt uit tot zelfkennis, zelfsturing en verantwoordelijkheid
Ontwikkelen en leren doet een kind zelf, niet alleen, wel zelf. Goede onderwijspraktijk daagt leerlingen uit om van meet af aan zichzelf als kritisch en verantwoordelijk te zien en als eigenaar van hun ontwikkeling.

3. Leraar en leerling zijn full partners in leren
De een is er niet zonder de ander. Zij zijn beiden verantwoordelijk voor proces en resultaat hoewel op verschillende wijzen. Een goede match van ‘vraag en aanbod’ vraagt om actieve leerlingen die hun leraren informeren over wat zij nodig hebben en die terugkoppelen. Het vraagt om leraren die hun leerlingen aanvaarden en verstaan.

4. Onderwijs en opvoeding zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden
Alle handelen in onderwijs is moreel handelen. Ouders en leraren zijn full partners.

5. De cultuur in groep en school verbindt en biedt een moreel kompas, ze is open, veilig en kent een toon van respect en vertrouwen
Een praktische leidraad vormt het devies: zorg goed voor jezelf, zorg goed voor de ander, zorg goed voor je omgeving.

6. Goede onderwijspraktijk is deel van de samenleving, maar kenmerkt zich tegelijk door een zekere afstand en reflectie
Goede onderwijspraktijk biedt daarom een curriculum met diepte en variatie en rijke ervaringsmogelijkheden in een vanzelfsprekende verbinding met de vele werkelijkheden buiten de school.

7. De onderwijspraktijk en zijn uitgangspunten en resultaten worden getoetst en gelegitimeerd, in de eerste plaats ten dienste van de leerling en de school
Goed onderwijs vindt plaats in een lerende organisatie waarin leraren en ouders, maar ook de leerlingen zelf willen weten hoe zij ervoor staan. De keuzes die worden gemaakt ten behoeve van het onderwijsproces en de resultaten worden naar hen en naar overheden verantwoord.