inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Martin Dogger


Martin Dogger
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Nationale Onderwijsfilmprijs 2016: Een advies van leerlingen voor de zwevende kiezer hetkind.org/?p=54872

Ongeveer 5 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Waardegedreven onderwijs raakt ‘fundament van ons bestaan’

30 juli 2012

Martin Dogger

Geplaatst in: Opvoeding, Samenleving,

Tex Gunning gaf in zijn NIVOZ-lezing aan dat het bittere noodzaak is om naar een waarden gedreven onderwijs te streven. Onderstaand artikel laat zien dat het niet alleen over een andere kijk op onderwijs en samenleving gaat, maar tegelijkertijd draait om een (diepe, fundamentele) bestaanswijze. Over hoe inzicht in kwantumfysica, hersenactiviteit en spiegelneuronen andermaal duidelijk maakt, dat verbondenheid de sleutel is tot een betere wereld.  Dit artikel verscheen eerder in Ode Magazine.

In het leven sta je in elk moment in verbinding met het leven. Op geen enkele wijze is een wezen op aarde individueel bezig. Ons lichaam en onze hersenen zijn daar niet voor gebouwd. Over hoe inzicht in kwantumfysica, hersenactiviteit en spiegelneuronen andermaal duidelijk maakt, dat verbondenheid de sleutel is tot een betere wereld. Een verhaal van Lynn McTaggert dat eerder verscheen in Ode Magazine.

Er bestaat niet zoiets als een ‘ding’

Hoe een essentiële verbinding ons onderling aan elkaar koppelt

We voelen allemaal dat we aan het eind van ‘iets’ zijn gekomen. Sinds de overgang naar het nieuwe millennium hebben allerlei commentatoren geprobeerd greep te krijgen op de collectieve betekenis van de over elkaar heen buitelende crises die ons in ons tijdsgewricht overspoelen: bankencrisis, terrorismecrisis, schuldencrisis, voedselschaarste, buitenlandseschuldencrisis en natuurlijke of door de mens teweeggebrachte ecologische crises. Maar de crises waarmee we ons op vele fronten geconfronteerd zien, zijn slechts symptomatisch voor een veel dieper zetelend probleem, met meer potentiële, ernstige repercussies dan die van ongeacht welk cataclysme.

Het zijn eenvoudigweg graadmeters voor de enorme kloof tussen ons huidige zelfbeeld en onze ware essentie, ja, onze ware essentie. Wij handelen al honderden jaren in strijd met de natuur door onze essentiële verbondenheid met alles te negeren en onszelf te zien als individuen die losstaan van al het overige. Nu hebben we het punt bereikt waarop we niet langer volgens dit valse zelfbeeld kunnen blijven leven. Er komt een eind aan het verhaal dat ons tot nu toe is voorgehouden over wie wij zijn en hoe we geacht worden te leven – en in dit eind ligt de enige weg naar een betere toekomst besloten.

Het Leitmotiv van dit verhaal is dat van de held die het moet opnemen tegen iedereen. Wij nemen als vanzelfsprekend aan dat ons leven een worsteling zal zijn. Daarom blijven we altijd waakzaam, klaar om – thuis, op ons werk, onder kennissen en vrienden – te vechten tegen iedere behemoth die ons pad kruist. Hoe aangenaam ons leven ook is, de grote meerderheid onder ons blijft in deze parate toestand contra mundi, waarin iedere ontmoeting het karakter krijgt van een soort strijd:

strijd tegen collega’s die eropuit zouden zijn ons baantje – of een promotie – in te pikken;
tegen medestudenten die met hun prestaties de lat voor ons almaar hoger leggen;
tegen de mensen die eerder dan wij een zitplaats in de metro veroveren;
tegen winkeliers die ons te veel laten betalen;
tegen de buren die in een Mercedes rijden terwijl wij ‘maar’ een Volvo hebben;
en zelfs tegen onze partner die het waagt vast te houden aan een andere mening dan de onze.

Het idee dat wij tegen de wereld moeten strijden, wortelt in onze fundamentele overtuiging dat ons ‘zelf’, dat iets wat wij ‘ik’ noemen, als een afzonderlijke entiteit zou bestaan, een unieke creatie van een genetische code die volstrekt losstaat van alles buiten onszelf. Dit is de hardnekkige veronderstelling over onze menselijke zijnstoestand; we klampen ons eraan vast alsof heel ons bestaan erom draait – aan dit vage gevoel van alleen-staan, het idee dat we als in onszelf -besloten, eenzame schepsels ons individuele leven leiden, terwijl al het overige – andere atomen en cellen, andere levensvormen, de landmassa’s, de planeten en zelfs de lucht waarin we allemaal ademen – als iets afzonderlijks zou bestaan, gescheiden van al wat verder existeert.

Hoewel we ons leven zijn begonnen vanuit de vereniging van twee individuen, staan we er – zo maakte de wetenschap ons wijs – de rest van ons leven alleen voor. De wereld staat volgens die visie onweerlegbaar búiten ons en gaat haar eigen gang, mét of zonder ons. Ons hart klopt in laatste instantie alleen voor ons, geloven we, en dat geeft ons een pijnlijk gevoel. Dit paradigma van wedijverend individualisme maakt dat we denken dat het leven een heldhaftige worsteling tegen vijandige elementen is, tussen mensen die met elkaar concurreren om hun aandeel in sterk beperkte hulpbronnen. Er zou niet genoeg zijn voor ons allemaal en de kans is groot dat anderen sterker zijn dan wij, zodat we enorm ons best moeten doen om er eerder bij te zijn.

De ineenstorting van het mondiale economische model in 2008, de huidige milieucrises, de dreigende tekorten aan voedsel en drinkwater en de uitputting van de aardoliereserves werpen een schril licht op de extreme beperkingen van deze kortzichtige geestesgesteldheid, die nu onze hele planeet dreigt te vernietigen. Op het persoonlijke vlak heeft dit alles de meesten van ons een hol gevoel vanbinnen bezorgd, alsof iets van de grootste waarde – ons mens-zijn zelf – in onze dagelijkse worsteling met de wereld onder de voet is gelopen. We hebben dringend behoefte aan een nieuw verhaal dat ons tot richtsnoer kan dienen.  LEES VERDER

Dit artikel verscheen eerder in Ode Magazine (september 2011) en is met toestemming gepubliceerd.