inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Hanny van Putten


hartwijs
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Echt niet alles is oké in de klas van juf Kiet. --> opinie van @teadoek in Parool #tegengeluid parool.nl/opinie/-echt-n…

Ongeveer 6 minuten geleden op hetkind's Twitter via Twitter for iPhone

facebook
De mens in het klaslokaal: aandacht voor wat kind (en leerkracht) bezielt

4 oktober 2012

hartwijs

Hanny van Putten woonde drie bijeenkomsten met Toshiro Kanamori bij, in Den Haag, Heerenveen en Groningen. Bij de Hanzehogeschool stond ze even naast hem op het podium, na de uitnodiging van Kanamori om een persoonlijk verhaal te delen over de betekenis die ‘handen’ in je leven hebben of hebben gehad. Hanny van Putten schreef vervolgens een artikel over ‘de mens in het klaslokaal’. Daarin vraagt ze aandacht en ruimte voor wat het kind (en de leerkracht) bezielt. Haar bijdrage.

Toshiro Kanamori laat in zijn documentaire Children Full of Life zien hoe hij met zijn klas een band creëert door aandacht te hebben voor wat er in zichzelf gebeurt, voor wat er omgaat in de ander en door het dagelijks leven in het klaslokaal aan de orde te stellen. In zowel Den Haag (6 september), Heerenveen als Groningen (12 september) – op de laatste dag van zijn tiendaagse schoolreis – was ik onder de indruk van zijn uitstraling en zijn aanpak: hij gaat werkelijk in verbinding.

Alle zalen in Nederland waren uitverkocht. Hij gaf aan 400 kinderen les en ruim 4000 leerkrachten, kindbegeleiders en schoolleiders en -bestuurders kwamen naar zijn levenslessen. De bijeenkomsten waren vaak zo georganiseerd dat eerst de documentaire werd getoond, daarna werden er vragen aan hem gesteld. Kanamori – 66 jaar – nam altijd de tijd en de ruimte om op elke vraag diep in te gaan en benadrukte de verbinding met het kind. ‘Het hart van het kind willen begrijpen’ , was een terugkerende uitspraak.

Hij vertelde dat in de Japanse cultuur boosheid, angst en emoties eigenlijk niet getoond mogen worden, dus ook niet in school. Hij merkte dat kinderen daaronder lijden: ze komen tekort doordat ze belangrijke gevoelens moeten wegdrukken omwille van het studeren. Er zijn in Japan jaarlijks 120.000 kinderen die niet meer naar school willen, veelal om deze redenen. Ze zitten ‘op slot’, ze zijn diep ongelukkig, ze zijn ziek, ze zijn overspannen…

In Nederland is dat niet veel anders. In de 34 jaar dat ik nu in het onderwijs werkzaam ben, heb ik in Nederland vergelijkbare dingen ontdekt: te veel druk op cognitieve ontwikkeling; te weinig ruimte voor spelend leren en zelf ontdekken, te weinig aandacht voor de persoonlijke beleving, te weinig aandacht voor elkaar, geen rust meer om gebeurtenissen te laten bezinken en te genieten, en te weinig doorleving van het geleerde. Daarvan worden niet alleen kinderen ongelukkig, maar ook de leerkrachten…. en soms ook de schoolleiders.

Jonge kinderen tot circa 7  jaar zijn gericht op hun lichaam, tussen 7 en circa 14 jaar komen hun emoties op de voorgrond en vanaf  ongeveer 16 jaar wordt voor hen de fase van de geestelijke, cognitieve ontplooiing belangrijk. In de basis leeft een kind vanuit de eenheid (heelheid) van lichaam, emoties en denken. Om een gezond en evenwichtig mens te kunnen blijven, is het van groot belang dat het kind voldoende ruimte krijgt om de voornoemde fases echt te doorlopen. Hierdoor kunnen op natuurlijke wijze denken, voelen en doen met elkaar in verbinding blijven en zal het kind zijn leven harmonieus en vervullend waarnemen en ervaren.

Als wij echter het kind leren dat hij in het dagelijks leven zijn fysieke lichaam en zijn emoties geen aandacht meer mag geven, bijvoorbeeld omdat hij voornamelijk moet leren om kennis te verzamelen, dan raakt het kind (de mens) uit evenwicht: de drie‐eenheid  ‘denken – voelen‐ doen’ raakt volledig uit balans. Energetisch gezien groeit er als het ware een ‘waterhoofd’ van kennis op een ‘klein, dun lichaampje’. Als het kind heeft afgeleerd om met zijn verlangens, emoties, angsten en verdriet om te gaan, zal hij de vaardigheid missen om zijn levenspad op natuurlijke manier te volgen, en  zal  hij ook kwetsbaarder zijn voor stress, ziekten, en zich ongelukkig voelen.

Bij Kanamori mag het dagelijkse leven daarom doorlopen in de schoolse lessen. Hij geeft aan dat het voor kinderen zeer waardevol is als ze de mogelijkheid krijgen om hun verdriet, angst en zorgen te uiten. Hoe kun je immers ontspannen zijn en genieten als er nog iets vervelends ligt te ‘smeulen’? Hoe kun je anders leren omgaan met moeilijke levensvraagstukken? Hoe fijn is het om je geborgen te weten in een groep die van je wil horen, die met je meeleeft, om je geeft, waarmee je de levensvragen kunt bespreken?

In het begeleiden van emoties maakt Kanamori geen onderscheid tussen school en thuis, omdat kinderen dat ook niet doen. ”Een emotie komt zoals die komt en op dat moment zul je er iets mee moeten doen. Met wegdrukken, ontken je de behoefte van het kind en geef je geen prioriteit aan het leven zelf. Je kunt met het kind overleggen hoe ver je mag gaan; kinderen geven vaak zelf wel aan tot waar de leerkracht zich met hen mag bemoeien.”

Het was opmerkelijk dat zo veel onderwijsmensen in Nederland Kanamori’s uitspraken erkenden. Dat was ook de reden waarom Meester Kanamori naar ons land moest komen. Het zijn verlangens die in ieder mens leven. Universele, menselijke behoeften worden aangeraakt: erkenning krijgen, in verbinding zijn, jezelf vertegenwoordigen, begrip en vergeving ervaren.

Tijdens mijn begeleidingswerk op scholen komen deze behoeften ook steeds weer naar voren. Leerkrachten en ook managers zeggen dan: ‘Ik voel zó dat het beter is voor de kinderen’ en ‘Ik wil niet zoveel met de leerstof en administratie bezig zijn‘ en ‘Ik geniet als de kinderen vertellen over hun eigen ervaringen, over wat ze ontdekt hebben en hoe blij ze zijn met hun uitvindingen; dan zie ik ze groeien‘ en ‘Het doet me pijn als ik merk dat een kind ongelukkig is, omdat het niet wordt begrepen en zijn behoeften geen aandacht krijgen.’

Veel onderwijsgevenden zouden gehoor willen geven aan hun verlangen de beleving van het dagelijks leven in de les te integreren. Ze willen graag bewust aandacht besteden aan aspecten van persoonlijke ontwikkeling, zoals zelfrespect, eigenwaarde, zelfvertrouwen, zelfreflectie, (naasten‐)liefde, betrokkenheid, openheid, eerlijkheid, zorgzaamheid, verantwoording en erkenning van de persoonlijke verschillen. Daarbij worden altijd dezelfde vragen gesteld: ‘Hoe doet meester Toshiro Kanamori dat en waar haal ik de tijd vandaan?’ En er is ook onzekerheid, over het omgaan met de loskomende emoties, het verdriet en de boosheid die dat met zich mee brengt. Want daar is in de opleiding vaak geen of onvoldoende aandacht aan besteed. En er komen vragen voorbij die hieruit voortvloeien, ook bij het publiek van Kanamori : Hoe ver ga je? Wanneer is het therapie? Waar ligt de grens?

Het leren omgaan met indringende gebeurtenissen van het leven is een beetje uit onze samenleving weggedrukt; we ontwijken het, we willen het voorkomen, we denken ons zelfs te kunnen ‘verzekeren’ tegen tegenslagen. En als het leven zich dan toch ‘op een lastige manier’ toont, kunnen we er niet mee omgaan. Of het wordt direct ‘therapeutisch handelen’ genoemd als er ruimte wordt gegeven aan tranen, aan het oplossen van een slepend conflict, aan de zorg voor elkaar, aan betrokkenheid tonen, aan kwetsbaar durven zijn, aan open en eerlijk je werkelijke behoeften ken‐baar maken. Een mooi woord trouwens: het wordt mogelijk jezelf en de ander te leren kennen.

Dit is ook leren. Dit hoort volgens de Japanse meester ook bij het leven en ook in de school. Het is leren met hart en ziel, krachtig en levenslustig te leren denken, te voelen en te doen. Hierin ligt de basis van ‘gewoon’ echt gelukkig te zijn.

In de originele Japanse versie van de documentaire ‘Children full of life’ wordt over kinderen het volgende gezegd:

kinderen
het leven strekt zich voor hen uit
langzaam maar zeker lopen ze vooruit
over hun pad naar volwassenheid
vol van energie
vol van liefde
kinderen, zo vol van leven …

Als wij het aandurven om iets terug te treden met onze eisen en wensen, dan komt er meer ruimte voor het kind. Dat loopt rustig en vol zelfvertrouwen zijn pad om (levens)ervaringen op te doen en uit te groeien tot een stabiel, zelfverantwoordelijk en betrokken mens.

Hanny van Putten, coach voor mensgericht en life-based onderwijs.
© Hanny van Putten, 17 september 2012

Wil je ook onderzoeken hoe je dichter bij het hart van het kind kunt komen? Wil je in je lessen meer onderlinge betrokkenheid ontwikkelen? Zou je met je leerlingen ruimte willen geven aan de beleving van het dagelijks leven?  Je bent van harte welkom op de leerdagen die ik geef op zaterdag 13 oktober, 7 november, 12 januari en 2 februari in Koekangerveld (bij Meppel). Je kunt contact opnemen via hannyvanputten@gmail.com en mobiel: 06-24658560.