inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Jouke Boerma


Jouke Boerma
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

Onderwijsavonden Driebergen -> leraren sterken bij uitvoering van hun pedagogische opdracht. Zoals @ellenvos Binnen… twitter.com/i/web/status/8…

Ongeveer 11 uur geleden op hetkind's Twitter via Twitter for iPhone

facebook
‘Is dit hoe ik mijn kinderen groot wil zien groeien? Met de boodschap dat ze het spel moeten leren spelen?’

14 juli 2014

Jouke Boerma

Wat had Jouke Boerma graag gewild dat haar drie kinderen ‘gewoon’ in Leusden – in de wijk, om de hoek – op school zouden zitten en dit ook nog leuk zouden vinden. Alles heeft ze ervoor over gehad.  In 2010, toen ze nog in de medezeggenschapsraad van het overkoepelende bestuur van bijna alle scholen in Leusden zat, schreef ze een stuk over hoe ze wilde dat de school van haar kind eruit zag. Nu zit ze elke dag een uur in de auto, op weg naar Soest. ‘Ook daar zijn ze nog steeds hoogbegaafd, dyslectisch, met woordvindingsproblemen, lage verwerkingssnelheid. Maar dat is allemaal bijzaak, de hoofdzaak is dat ze Tijmen, Siem en Qiujun zijn.’

jouke boerma‘Heel veel heb ik ervoor over gehad, vele gesprekken, met juffen, directeur, op andere scholen en met externe deskundigen. In de GMR en Arjan in de MR van de school, helpen bij activiteiten. Maar mijn kinderen vonden het er niet leuk. Er waren tijden dat Arjan ze naar school moest brengen, omdat het mij niet lukte. Ik voelde me zo schuldig hen iedere dag weer naar een plek te brengen waar ze met tegenzin waren, waar ze het nut niet van inzagen, waar ze zich gedwongen verveelden en hun appel moesten eten als het daar tijd voor was, naar buiten mochten als dit in het rooster stond en heel veel op hun stoel, in de juiste houding, achter hun tafeltje moesten zitten, om te leren voor later. Qiujun is een iets ander verhaal, die vindt het heerlijk om zijn vriendjes te zien. Maar het moeten werken zoals hij dat noemt, valt hem zeer zwaar.

Hoe kon ik mijn kinderen nou laten voelen dat ze in het NU mogen leven als een groot deel van de dag wordt opgeslokt met activiteiten die nuttig zijn voor later? Hoe moest ik mijn kinderen nou uitleggen dat ik het prima vindt dat ze zelf beslissen of ze hun jas aan doen of niet maar dat ze op school gewoon naar de juf moesten luisteren? Dat het echt pech was dat hun vriendinnetje een sneeuwbal in haar gezicht gewreven kreeg, had ze maar niet op dat veld moeten komen en ja, dan moet je het meteen melden want als het 10 minuten later is, kan de juf er niets meer aan doen, dan is het andere kind dat namelijk al vergeten (?). Kennelijk hebben de meeste kinderen geheugens als vergieten of wordt dat in ieder geval zo gedacht.

Hoe kon ik het uitleggen dat met rekenen 3:2=1 plus rest en niet 11/2, want dat krijg je pas op de middelbare school? Dat je gewoon bij de basis moet beginnen, omdat automatiseren het toverwoord is, ook al zijn jouw inzichten in de wereld van de getallen veel verder en snap je puur intuïtief meer van het metrisch stelsel dan de juf? Dat je verhaaltjes moet lezen over Pim die op de wip zit, ook al leest je vader thuis het Sleutelkruid voor, omdat je het lezen moet – let op –  automatiseren. Dat je moet automatiseren, automatiseren, automatiseren. En wat een pech, alle drie mijn kinderen zijn niet zo goed in automatiseren!

Ik kon alleen maar zeggen, het is een spel dat je mee moet spelen, waarvan de regels door anderen bepaald zijn of jij ze nou logisch vindt of niet: jouw mening daarin wordt niet gevraagd. Maar is dat hoe ik mijn kinderen groot wil zien groeien, met de voornaamste boodschap dat ze het spel moesten leren spelen? Een spel dat ik zelf nooit had meegespeeld, omdat ik mijn eigen rooster maakte (godzijdank werd er op mijn middelbare school niet zo moeilijk gedaan over spijbelen) en er het mijne van dacht. Zo eenzaam als het maar kon, voer ik mijn eigen koers. Met de mazzel dat ik met een beetje inspanning de hoogste cijfers haalde. Maar dat deden mijn kinderen niet, want… ze automatiseren niet!

In het huidige reguliere onderwijs wordt er erg veel gesleuteld aan kinderen. Kinderen zijn iets en moeten iets anders worden, met de gedachte:  je stopt er iets in en dan komt er iets uit. Dat wat eruit komt, heet dan de leeropbrengst. Een mechanische visie op de ontwikkeling van een mens, in mijn ogen. Ik geloof werkelijk waar niet dat het de manier is waarop mensen zich ontwikkelen, in leeropbrengsten.

Maar goed, hoe leert een mens dan wel? Hoe ontwikkelt een kind zich? Waar anders dan thuis wordt mijn kind als een volledig levend wezen gezien, niet slechts een eenheid waar je kennis in stopt? Waar vind ik een plek waar ik dingen terugvindt uit het Continuum concept , waar volwassenen zijn en kinderen zijn en die ‘zijn’ dan gewoon. Het holisme dat voor ons thuis zo vanzelfsprekend is, waar vinden we dat terug? Op de Ruimte in Soest…..

ruimteOp de Ruimte zijn mijn kinderen gewoon Tijmen, Siem en Qiujun. Ook daar zijn ze nog steeds hoogbegaafd, dyslectisch, met woordvindingsproblemen, lage verwerkingssnelheid. Maar dat is allemaal bijzaak, de hoofdzaak is dat ze Tijmen, Siem en Qiujun zijn. Drie broers die voor elkaar zorgen, die ieder zichzelf zijn, die hun eigen weg in het leven gaan bewandelen en toch samen zijn. Die de hele dag allerlei contacten hebben met andere kinderen, de meeste leuk, sommige contacten minder leuk. Die jaren van niet-spelen in moeten halen door een heel jaar (en misschien nog een jaar) te gaan spelen, met zwaarden rond te zwaaien. Die soms verdrietig zijn, soms een beetje hyper, soms wantrouwend en met sommigen meteen de verbinding weten te maken.

En wat leren ze er nou eigenlijk? Geen idee 🙂  Maar het is me wel opgevallen dat ze niet meer zoveel explosieve buien hebben, dat ze zich niet meer als slachtoffer gedragen, dat ze het leuk vinden om naar school te gaan, ook al zitten ze elke dag een uur in de auto, dat ze zich niet meer stoned gedragen. Ze komen thuis met nog meer nieuwe ideeën. Tijmen voor het inrichten van zijn eigen server, Siem met lego ontwerpen. Qiujun vindt het gewoon leuk en landt verder op aarde. Dat is wat hij nodig heeft, tijd en ruimte.

Terwijl ik dit typ zie ik op de computer naast mij, waar de server van Tijmen op draait (zeg je dat zo?) van alles gebeuren. Hij kan die namelijk op afstand van alles laten doen en ik snap daar helemaal niets van! Wat jammer dat de school hier niet om de hoek zit, dan kon ik het hem even gaan vragen.

De goede redenen om onze kinderen in de wijk op school te laten gaan, lees je onderaan dit stuk. In 2010, toen ik nog in de GMR van het overkoepelende bestuur van bijna alle scholen in Leusden zat, schreef ik een stuk over hoe ik wilde dat de school van mijn kind eruit zag. Mijn drijfveer toen dat het overkoepelende schoolbestuur in mijn ogen het gebruik van MFC’s (multifunctionele centra) idealiseerde, goedkoper, modern, alles in één gebouw.

Hoe wil ik dat de school van mijn kinderen er uit ziet?

Dit stuk is geschreven vanuit mijn blik als ouder. Ik had het graag nog wat meer bijgeschaafd en ik ben vast dingen vergeten. Het is ook niet mijn bedoeling om alleen maar te vinden dat de school van alles moet leveren naar kinderen en ouders toe; ik denk dat het tweerichtingsverkeer is. Door de school een overzichtelijk geheel te houden voor de ouders wordt ouderparticipatie ook gestimuleerd, denk ik. Je voelt je als mens nou eenmaal eerder verantwoordelijk voor een groep waar je het overzicht over hebt, dan voor een groep die zo groot is dat je niet meer weet wie wie is.

Voor mijn kinderen vind ik het belangrijk dat ze in een dorp naar een dorpsschool kunnen waar ze lopend of op de fiets naar toe kunnen.  Ik wil graag dat ze in een klaslokaal zitten op de begane grond, waar de ramen open kunnen.  Als ze naar buiten kijken zien ze mensen langs fietsen of wandelen met kleine kinderen of de hond. Ze zien dat er blaadjes aan de bomen groeien, dat die weer bruin worden en afvallen. Op het schoolplein kunnen ze kastanjes vinden en af en toe komt er een verdwaalde eend langs. Er zijn wat bosjes waar ze een beetje in kunnen rotzooien of in de heggen beestjes kunnen vinden tijdens het buitenspelen. Ze mogen best met een broek  met aarde erop thuis komen of zand in hun schoenen. De school is dichtbij en hoort bij de wijk waar we wonen. Tussen de middag kunnen de kinderen thuis lunchen.

Als ik de school binnenloop met mijn kinderen vind ik het fijn dat het niet te groot is: één klas per leerjaar is meer dan voldoende wat mij betreft. Het mag van mij wel iets gezelligs hebben, dat het een beetje op een huis lijkt. Als het kouder wordt, ruik je dat de verwarming weer aan gaat; als het regent is het overal nat en lopen kinderen met laarzen die dan in de gang weer verwisseld worden voor schoenen. Je laarzen kun je gewoon laten staan, die vindt je wel weer terug.

Ik vind het heel belangrijk dat er een doorgaande lijn bij de leerkrachten is, zij vormen een geheel. Natuurlijk zijn ze allemaal anders en hebben ze andere stijlen. Maar de kern, dat wat belangrijk wordt gevonden, is hetzelfde. Als er tijd is en het is nodig, kan ik altijd de leerkracht even aanschieten of vragen of ik haar na school even kan spreken. Ook de directeur is altijd wel ergens te vinden of weet iemand anders wel waar/wanneer ik haar kan vinden. Binnen de school weten de leerkrachten wie wie is en wie broertjes en zusjes van elkaar zijn.

Lees verder

Jouke Boerma is moeder van drie kinderen: Qiujun, Siem en Tijmen  en is getrouwd met Arjan. Zij wonen in Leusden.