inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Rikie van Blijswijk


Rikie van Blijswijk
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Ninke bepaalt zelf het tempo. Niet haar ouders, geen gestandaardiseerde toets en niet ik’ hetkind.org/?p=55348

Ongeveer een minuut geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Over het werk van Weiner en Dweck: ‘De attributietheorie’

26 december 2014

Rikie van Blijswijk

‘Over het werk’ is een serie portretten van onderwijswetenschappers, waarin de essentie en de legitimatie van goede onderwijspraktijk wordt geschetst via kernbegrippen, definities en eerder gepubliceerd werk. In deze aflevering Carol Dweck en Bernhard Weiner: ‘De attributietheorie’.

Dit is  een aflevering in een serie  portretten van wetenschappers die Rikie van Blijswijk heeft gemaakt. Eerder verschenen er  afleveringen ‘Over het werk’ van:

Otto Scharmer: Theorie U
Deci en Ryan: Motivatie
Ferre Laevers: Perspectief van de ander innemen
Luc Stevens: De behoefte aan relatie, competentie en autonomie|
Marianne Riksen-Walraven: Verbondenheid/gehechtheid
Jos Kessels: De morele en organisatorische werkelijkheid
Geert Kelchtermans: Professionele biografie 

Weiner en Dweck: Attributie

De attributietheorie vertegenwoordigd door Bernhard Weiner en Carol Dweck

De attributietheorie help te begrijpen hoe leerlingen kunnen denken over hun eigen succes of falen en hoe sommigen leerlingen het lukt om een mislukking om te buigen tot een leerervaring en andere leerlingen de moed verliezen.

Volgens Bernhard Weiner, een Amerikaanse psycholoog, heeft elke persoon de neiging te zoeken naar oorzaken wanneer je je geconfronteerd ziet met een gebeurtenis met een onverwacht of negatief resultaat. De waarom-vraag is een algemeen menselijke behoefte om te begrijpen wat er om ons heen gebeurt en zo greep te krijgen op onszelf en op onze omgeving.
De oorzakelijke toeschrijving (= attributies) helpen je vervolgens om beter te begrijpen wat er gebeurde om het in de toekomst anders aan te pakken en hebben een effect op jouw gemoedstoestand, zelfvertrouwen, gedrag en verwerking voor de toekomst. Die oorzaken, die iemand toeschrijft aan een bepaalde situatie, zijn een kwestie van persoonlijke perceptie.
olgens de attributiepsycholgen is die behoefte de belangrijkste motivator voor hoe we ons voelen en gedragen. De nadruk op kennis, weten en analyseren maakt dat de attributietheorie behoort tot het domein van de cognitieve motivatiepsychologie.

B. Weiner heeft alle mogelijke attributies in drie dimensies geplaatst:

  • Internaliteit (locus)
  • Beheersbaarheid
  • Stabiliteit: de oorzaak is onveranderlijk stabiel

Elk van die dimensies zegt iets zo fundamenteels over hoe de zoeker naar oorzaken oordeelt over een problematische gebeurtenis, dat je daarmee ook uitspraken kunt doen over hoe die persoon emotioneel zal reageren, over zijn verwachtingen van dezelfde toekomstige situaties en hoe deze persoon gemotiveerd zal zijn/blijven.

Volgens de attributietheorie bestaat er een relatie tussen wat mensen menen dat de oorzaak van een bepaalde problematische situatie is, en hoe ze zich gaan voelen en gedragen.

Suggesties voor leraren om leerlingen daarin te ondersteunen:

  • Vraag je systematisch af welke oorzaken aan een onverwacht of negatief resultaat ten grondslag kan liggen.
  • Realiseer je dat jouw oordeel als leraar op het attributieproces van de leerling van grote invloed is. Wees niet te snel met je oordeel en voorkom vooroordelen’.
  • Benader de leerling met positieve verwachtingen en met het vertrouwen dat ze allemaal in staat zijn de stof te kunnen begrijpen.
  • Geef feedback, die verwijst naar factoren waaraan leerlingen iets kunnen veranderen.
  • Biedt feedback die serieus, eerlijk en relevant is.

De attributietheorie van B. Weiner e.a. is gebouwd op het idee dat er algemene principes te vinden zijn aan de hand waarvan mensen oorzaken voor problemen zoeken.

Anderen, o.a. Seligman en Peterson, ontdekten dat individuele verschillen tussen mensen invloed kunnen hebben op wat ze denken dat ten grondslag ligt aan hun succes of falen.

Bij een experiment ontdekten men dat honden in negatieve ervaringen,  zonder controle van de honden zelf, zich passief en hulpeloos gedroegen en dat ook bleven doen in situaties waarin ze wel controle hadden. Dat wordt ‘aangeleerde hulpeloosheid’ genoemd. Andere honden raakten dat hulpeloze gedrag wel kwijt. Ook bij mensen ontdekten onderzoekers soortgelijke resultaten. Dat wordt ‘aangeleerd optimisme’ genoemd. De conclusie is dat er dus ook persoonsgebonden attributiestijlen bestaan: een optimistische of een pessimistische stijl.

De sociaal psychologe Carol Dweck begint haar werk bij de attributietheorie en de ‘aangeleerde hulpeloosheid’. Ze doet onderzoek naar de vraag in hoeverre kinderen geleerd kan worden om bepaalde toeschrijvingen, die een negatieve impact hebben, om te buigen naar attributies die meer beheersbaar en veranderlijk zijn. Dweck zocht naar de dynamiek achter dat moment van attribueren en komt uit bij het concept van de zelfbeeld-theorieën.  Haar onderzoek wijst uit dat mensen twee diametraal verschillende zelfbeelden over zichzelf kunnen hebben:

  • Persoonlijke eigenschappen zijn nagenoeg stabiel, vaststaand en onveranderlijk (entiteittheorie)
  • Persoonlijke kwaliteiten zijn plooibaar en kneedbaar (groeitheorie)

De fundamentele keuze die mensen hierin maken, levert enorme verschillend op voor hoe mensen omgaan met uitdagingen, tegenslag, leersituaties en motivatie.  Ander onderzoek wijst uit dat de doelen van de leerlingen voor kinderen die de entiteittheorie aanhangen, de  prestatie is. Voor de kinderen van de groeitheorie is leren het doel: zij hoeven niet het gevoel te hebben dat ze ergens al goed in zijn om te volharden en te blijven proberen. Hun doel is immers te leren, niet om te bewijzen dat ze slim zijn. Leren wordt dan een feest en elk stapje in het leerproces een uitdaging.
Dweck heeft tevens ontdekt dat iemand die gelooft in de entiteitstheorie te veranderen is in iemand die gelooft in de groeitheorie door de persoon te confronteren met een alternatief voor zijn zelfbeeld-theorie.

Suggesties voor leraren  om het zelfbeeld te bevorderen:

  • Spreek kinderen zoveel mogelijk aan vanuit de groeitheorie. Richt de feedback op het proces en complimenteer de inspanning  of de leerstrategie.
  • Leer kinderen dat het leuk is een uitdaging aan te gaan en te zoeken naar passende leer strategieën.
  • Breng kinderen liefde voor het leren bij.

Bron: Bors, G. & Stevens, L.(2010) De gemotiveerde leerling. Antwerpen-Apeldoorn: Garant (51-77). Te bestellen via deze link.

Boeken Carol Dweck:

  • Dweck, C. S. (2012). Mindset: How You Can Fulfil Your Potential. Constable & Robinson Limited.
  • Dweck, C. S. (2006). Mindset: The new psychology of success. New York: Random House.
  • Dweck, C. S. (1999). Self-theories: Their role in motivation, personality and development. Philadelphia: Psychology Press.
  • Elliot, A. J., & Dweck, C. S. (Eds.). (2005). Handbook of competence and motivation. New York: Guilford.
  • Heckhausen, J., & Dweck, C. S. (Eds.). (1998). Motivation and self-regulation across the life span. Cambridge: Cambridge University Press.

Videofragment Dweck: http://hetkind.org/2012/03/22/valkuil-resultaatgerichte-waardering-in-het-onderwijs/

Boeken Weiner:

  • Weiner, B. (1985). “‘Spontaneous’ causal thinking”. Psychological Bulletin, 97, 74–84.
  • Weiner, B. (1986). An attributional theory of motivation and emotion. New York: Springer-Verlag.
  • Weiner, B. (1992). Human Motivation: Metaphors, Theories, and Research. Sage Publications. ISBN 0-7619-0491-3
  • Weiner, B. (1985). An attributional theory of achievement motivation and emotion. Psychological Review, 92(4), 548-573.
  • Weiner, B. (1981). Theories of Motivation: From Mechanism to Cognition. Markham Publishing Company. ISBN 0-528-62018-5
  • Weiner, B. (2005). Social Motivation, Justice, And The Moral Emotions: An Attributional Approach. Lawrence Erlbaum Associates. ISBN 0-8058-5527-0
  • Weiner, B. (1995). Judgments of Responsibility: A Foundation for a Theory of Social Conduct. The Guilford Press. ISBN 0-89862-843-1
  • Weiner, B. (2003). The Classroom as a Courtroom [5]