inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Hartger Wassink


Hartger Wassink
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Klassikaal onderwijs! Omdat het altijd zo is geweest of vanuit een bewuste, pedagogische keuze en visie?’ hetkind.org/?p=55579

Ongeveer 9 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Over het selecteren van goede leraren en geklier in de klas: ‘Wat doe jij als leerlingen de relatie onder druk zetten?’

24 april 2015

Hartger Wassink

Geplaatst in: Legitimering

Hartger Wassink zit in de selectiecommissie van de Onderwijstraineeships, om een groep academici alsnog geïnteresseerd te krijgen voor het docentschap in het onderwijs. De selectiedag bestaat onder meer uit proeflesjes van 10 minuten, waarbij ook Hartger en de zijnen gevraagd wordt zich vooral als leerling te gedragen. En dat gaat verrassend vanzelf. Zijn blog over een traditionele setting en traditioneel gedrag, maar vooral over  de kwaliteiten van een goede leraar en de vragen die daarbij horen. ‘Wat doe jij als leerlingen de relatie onder druk zetten?’

ooordeVandaag was ik lid van de selectiecommissie van de Onderwijstraineeships. Ik ben fan van dit traject, net als het broertje Eerst de Klas, dat al wat langer bestaat. Het idee is, dat je op deze manier een andere groep academici alsnog geïnteresseerd kan krijgen voor het onderwijs. Je zou kunnen zeggen: een ‘ambitieuzere’ groep, maar die discussie is voor een andere keer.

De selectiedag bestond voor mij uit enkele series proeflesjes van 10 minuten en korte selectiegesprekken met de kandidaten. Die selectiegesprekken zijn al pittig, maar de proeflesjes zijn de ware vuurproef. Van de leden van de commissie, meestal volwassenen uit deelnemende scholen, lerarenopleidingen en andere organisaties, wordt gevraagd om zich vooral als leerling te gedragen. En dat gaat verrassend vanzelf.

En juist dat, dat het zo vanzelf ging, zette me aan het denken. De setting van de proeflesjes was vrij traditioneel. De klas zit in rechte bankjes naast elkaar en kijkt de leraar afwachtend aan. De leraar staat ervoor, heeft een beamer en een whiteboard (of flip-over) tot z’n beschikking. En zichzelf natuurlijk.

De traditionele setting roept traditioneel gedrag op. Dus wij leerlingen gingen klieren, zodra we de les even wat minder interessant vonden. Op onze telefoon kijken, er doorheen praten, naambordjes verwisselen, enzovoort. Dat had als gevolg, dat de kandidaten veel van de slechts 10 minuten korte les kwijt waren aan wat we ooit ‘klassenmanagement’ zijn gaan noemen. Ofwel: het tot de orde roepen van leerlingen, het dreigen met sancties, het onderhandelen over een beetje aandacht om de les af te kunnen maken.

Basisbehoeften

Dat is op zich nog niet zo erg, maar wat me opviel in de nabespreking, was dat we de kandidaten ook op die kwaliteiten beoordeelden. Was hij streng genoeg? Duidelijk genoeg in de regels? Kon hij iemand tot de orde roepen en toch aardig blijven? Zag hij wel goed wie wel en niet bij de les bleef en ging hij daar wel op in? Toen een leraar die gewoon aardig was, juist negatiever werd beoordeeld, kreeg ik een onaangenaam gevoel. Een ‘leerling’ zei in de nabespreking: “Hij vroeg of ik mijn telefoon weg wilde leggen, en ik zag in zijn ogen dat hij dat echt heel graag wilde, en omdat ik een beetje medelijden kreeg, deed ik dat maar. Maar als hij echt voor de klas staat, krijgt hij het wel moeilijk hoor. Dan zijn het net haaien.”

Ik moest denken aan de basisbehoeften voor motivatie uit de Self-Determination Theory: autonomie, relatie en competentie. Ik zag dat wij, net als in een gewone klas, op zoek waren naar die drie. Door de traditionele setting werd onze autonomie beperkt. Zodra de motivatie vanuit competentie verdween, doordat we inhoudelijk afhaakten, was de enige mogelijkheid: het testen van de relatie. Net als in het echt.
Ons klieren in de klas vertaalde ik op dat moment met een onderliggende vraag: zie je ons, zie je ons echt? Zie je wie we zijn, wat we willen? Kunnen wij jou vertrouwen? Wat doe jij als we de relatie onder druk zetten? Kom je ons dan tegemoet, of verbreek je de verbinding?

Verbinding

Ook in de zelfreflectie lieten de kandidaten zien, voornamelijk vanuit het traditionele perspectief te kijken. Vrijwel zonder uitzondering vonden ze dat ze strenger hadden moeten zijn. Vooraf duidelijkere regels hadden moeten stellen, voordat het misging. Eerder en harder hadden moeten ingrijpen. Iemand eruit sturen, opperde zelfs een van de kandidaten.

Achteraf pas realiseerde ik me: allemaal interventies waarbij de verbinding tussen leraar en leerling juist minder zou worden, in plaats van sterker. Alsof orde houden vooral gaat om het dreigen de relatie te verbreken. Terwijl ons wangedrag vooral voortkwam uit het zoeken van die relatie. Zo spelen we samen een spel: wij zoeken contact, de docent mijdt het. En hoe beter hij dat doet, hoe beter we hem vinden.
Zo bevestigden we als selectiecommissie wat we allemaal al wisten: lessen volgen is saai, en lessen geven is hard werken. Je moet er niet te veel van verwachten, hoogstens dat een docent niet direct volledig onderuitgaat, en zijn lesje weet af te maken.

Het zat me dwars: waarom zijn we niet verbaasd, als we in zo’n ‘natuurlijke’ klassensetting binnen enkele minuten het ontregelende gedrag vertonen, dat ‘echte’ leerlingen ook dagelijks laten zien? Waarom laten we de relatie los, die zo’n belangrijke motiverende factor is? En prijzen we, scherp gesteld, juist de docenten die het negeren van die behoefte aan relatie het best in de vingers hebben?

geklierBemoediging

Ik moest denken aan de – in mijn ogen –beste kandidaat die ik vandaag zag. Zij daagde ons uit, door hoog in te zetten op onze voorkennis van Frans en even zo snel bij te schakelen toen dat net te veel gevraagd bleek. Ze was de enige die, om het bureau heen, ‘de klas’ inliep als het ware, en zo dichter naar ons toekwam. Ons bemoedigend toeknikte toen we de moeilijke Franse zinnetjes moesten voorlezen. Glimlachend doorzette, ondanks gegrinnik over woorden die mogelijk schuine bijbetekenissen hadden. En gewoon, door wie ze was, en doordat ze met haar hele aanwezigheid ‘Frans’ uitstraalde, ons iets in die tien minuten leerde over de uitspraak van het Frans. Tot onze eigen verbazing achteraf.
Ze had het in de vingers: de lesstof, ons als leerlingen en vooral ook: zichzelf. Vanuit die sterke basis bleef ze in contact, ook als wij weer de grenzen van het wangedrag opzochten. Ze dreigde niet, of nauwelijks, maar probeerde het met een ander zinnetje van het werkblad. Ze accepteerde wie we waren en nodigde ons tegelijk uit haar te accepteren, en de les Frans die ze voor ons in petto had.

Ik blijf fan van het Onderwijstraineeship en van Eerst de Klas. Het selecteren van kandidaten door proeflesjes vind ik ook nog steeds een goed idee. Voor een volgende keer ga ik alleen wel het voorstel doen om op het evaluatieformulier, naast aandacht voor didactiek, meer aandacht te besteden aan de persoon van de kandidaat, en de mate waarin hij in staat is contact te maken met de leerlingen. Dan selecteren we hopelijk meer tactvolle leraren, die uiteindelijk ons verwachtingspatroon over wat een goede leraar is, weten om te buigen. Waarmee we onszelf keer op keer zullen verbazen, over wat dat ons als samenleving oplevert.

Hartger Wassink is forum-redacteur bij het NIVOZ. Hij begeleidt scholen en teams bij normatieve professionalisering. Dit artikel is eerder gepubliceerd op zijn eigen blog.