inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Loes Hubertus


Loes Hubertus
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Zijn we vergeten hoe het is als je wereld op zijn kop staat door dingen die volwassenen niet begrijpen?’ hetkind.org/?p=54825

Ongeveer 13 uur geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
‘Pas op! In het onderwijs van de toekomst hebben we ook nog steeds basiskennis nodig’

12 juni 2015

Loes Hubertus

Geplaatst in: Samenleving, Legitimering

‘Laten we nu even onze geliefde Hollandse nuchterheid gebruiken, schrijft Loes Hubertus, als ze kijkt naar de energie die los is gekomen rondom #onderwijs2032 en alle ideeën met betrekking tot de toekomst van ons onderwijs. Het is wat haar betreft namelijk niet de vraag wat beter is: een les via een iPad óf leren spellen. Het is beiden van belang. Bovendien, ‘als we dan toch bezig zijn om een gezonde basis leggen voor onze kinderen: zullen we dan eerst en vooral samen oefenen in omgaan met elkaar, voordat we robotiseringslessen invoeren?

oderwijs2032Het zijn allang niet meer alleen scholen die zich bezighouden met de invulling van het onderwijs. Ouders, bestuurders, psychologen, kinderen: iedereen heeft wel een idee over wat er toegevoegd zou moeten worden aan het huidige lesaanbod. Onder de titel Onderwijs 2032 begon het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap eind vorig jaar een nationaal gesprek over wat zij noemden ‘de belangrijkste vraag in het onderwijs’: wat moeten kinderen leren op school, zodat zij klaar zijn voor hun toekomst?

In no-time was deze vraag trending topic op Twitter en kwamen de meest uiteenlopende ideeën: van robotiseringslessen tot ieder kind een iPad en van mindfulness tot Chinees. Mooie, innovatieve ideeën.

De discussie is inmiddels geen ‘trending topic’ meer, maar er wordt wel degelijk nagedacht over dé vraag. Het Platform Onderwijs2032, waarin voorzitter Paul Schnabel bijgestaan wordt door mensen uit het onderwijs, voert tot en met het najaar van 2015 een dialoog op bijeenkomsten in het land. Deze dialoog gaat over de drie hoofddoelen die uit de nationale brainstorm zijn gekomen: kennis voor leren en werk, maatschappelijke toerusting en persoonsvorming. Deze drie domeinen zijn verbonden aan één onweerlegbaar feit: we hebben te maken met een snel veranderende wereld die niet te voorspellen is en waar men op moet kunnen anticiperen.

Veranderingsdrang

Verandering, verandering, verandering. Zelfs al is er iets dat goed gaat, dan moet het toch veranderd worden. We lijken verslaafd aan verandering. De constante drang om iets nieuws te bedenken.

Natuurlijk is het prima als er nieuwe faciliteiten en lessen op scholen komen, waardoor leerlingen zichzelf kunnen uitdagen en ontwikkelen. Zodat ze genoeg in huis hebben om de arbeidsmarkt te betreden. Dit doet echter niets af aan het volgende: rekenen, lezen, spellen en aardrijkskunde hebben een functie. Het is niet óf les via een iPad óf leren spellen. Het is beiden van belang. Laten we dus niet beweren dat kinderen niet meer hoeven leren spellen, ‘omdat de iPad wel corrigeert.’

Hersenen trainen

Leren rekenen, spellen en de atlas gebruiken hebben gemeen dat je daarvoor je hersens aan het werk moet zetten. En dat is gezond. Uit velerlei onderzoek blijkt dat ‘dagelijks je hersenen trainen’ een positieve uitwerking heeft op je gezondheid en daarmee op je gehele welzijn.

Waarom zou mijn opa geheugentraining in het verzorgingstehuis hebben? Omdat hij geen iPad kan betalen? Jawel hoor. Maar de training helpt hem om fit te blijven en zijn denkvermogen op pijl te houden. Om een kras baasje te blijven. Bovendien vindt hij de interactie met de andere krasse baasjes in een activiteitenruimte veel leuker dan in zichzelf gekeerd naar een iPad turen.

Kinderen zijn erbij gebaat als ze op jonge leeftijd zelf leren uitzoeken wat 3+3 is, het woord robotiseringslessen leren schrijven en oefenen in het gebruik van een atlas. Zo leren ze hun hersenen te gebruiken en associatief te denken.

Op Twitter zag ik een foto van een proefwerk aardrijkskunde met de volgende vraag: ‘Je wilt een vakantieplek kiezen met een kleine kans op regen. Welke kaart kun je het beste raadplegen?’ Een leerling had niet antwoord A, B of C aangekruist (respectievelijk Europa-natuurkundig, Europa-klimaat, Europa-toerisme), maar zelf een antwoord toegevoegd: buienradar. Hilariteit op Twitter. Dit zou aangeven hoe ons onderwijs hopeloos achterloopt.

Zelf nadenken en verbanden ontdekken

Handige tools als buienradar en autocorrectie zijn niet gelijk aan een atlas gebruiken en leren spellen. Het zijn geen nieuwe tools die oude tools vervangen. Het is handig voor erbij. Want laten we niet pretenderen dat die ‘oude’ schoolvakken allemaal overbodig geworden zijn. Algemene kennis opdoen (al dan niet via een computer) kan iedereen, maar associatief denken, verbindingen maken, (causale) verbanden zien: daarin vinden we onze eigen plek in relatie tot de wereld. Op die weg is het heel belangrijk om te leren lezen, spellen, rekenen en kaarten lezen. In een collegezaal op de universiteit kom je nu eenmaal niet ver als je de helft van de woorden niet begrijpt en enige geschiedkundige kennis je vreemd is, omdat men dat vak op de basis- en middelbare school zó achterhaald vond.

Regelmatig spreek ik docenten op scholen waar Stars of Empathy wordt gespeeld. Zij vertellen hoe ouders soms verhaal komen halen en zich afvragen ‘waarom hun kinderen in hemelsnaam over de geschiedenis moeten leren op school?! Dat is toch al geweest?’

Tijdens mijn studie politicologie was een makkelijke tentamenvraag zoiets: Is China’s rise likely to look like Germany’s rise between 1900 and 1945, according to offensive and defensive realists? Het wordt lastig als je dan je vinger op moet steken om te vragen of je even op je iPad mag opzoeken wat er in hemelsnaam tussen 1940 en 1945 te doen was en meteen even wil googlen waar China ligt.

Het is alleen mogelijk om dergelijke tentamens succesvol af te leggen als je basiskennis hebt, die je direct kunt inzetten en waarmee je analyses kunt maken. Als je zelf nooit in een atlas hebt ontdekt waar landen liggen, maar dit van Google hebt geleerd, dan beklijft die basiskennis veel minder en is het lastiger om te analyseren omdat de kennis ‘anders’ is opgeslagen in je brein.

Laten we nu het zo nodig is even onze geliefde Hollandse nuchterheid gebruiken. Nieuwe lessen en materialen invoeren wanneer dat mogelijkheden biedt, is prima. Maar laten we daarnaast die zogenaamd hopeloos ouderwetse vakken handhaven. En als we dan toch bezig zijn om een gezonde en productieve basis te leggen voor onze kinderen: zullen we eerst even oefenen in omgaan met elkaar voordat we robotiseringslessen invoeren? Heel even nog.

Na haar studie politicologie heeft Loes Hubertus (1984)  Stars of Empathy ontwikkeld, het spel dat ieder kind in staat stelt om zijn wereld te tonen en dat kinderen op een speelse manier helpt om  sociaal-emotioneel te groeien. Dit is een van haar blogs.

Artikelen:

  • James, K.H. (2010). Sensori-motor experience leads to changes in visual processing in the developing brain. Developmental Science, 13(2), 279-288.
  • James, K.H., & Engelhardt, L. (2012). The effects of handwriting experience on functional brain development in pre-literate children. Trends in Neuroscience and Education, 1(1), 32-42.
  • Longcamp, M., Boucard, C., Gilhodes, J.C., Anton, J.L., Roth, M., Nazarian, B., & Velay, J.L. (2008). Learning through hand- or typewriting influences visual recognition of new graphic shapes: behavioral and functional imaging evidence. Journal of Cognitive Neuroscience, 20(5), 802-815.
  • Longcamp, M., Zerbato-Poudou, M.T., & Velay, J.L. (2005). The influence of writing practice on letter recognition in preschool children: a comparison between handwriting and typing. Acta Psychologica, 119(1), 67-79.

Boeken:

  • Manfred Spitzer, Digitale dementie, Uitgeverij Atlas Contact
  • Sieneke Goorhuis-Brouwer, Het wonder van de taalverwerving, Uitgeverij de Tijdstroom
  • Theo Compernolle, Ontketen je brein, Uitgeverij Lannoo