inspiratie, legitimatie en verbinding
Deze website wordt inmiddels elke maand meer dan 150.000 keer bezocht! De verhalen komen van leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders/opvoeders en onderwijsbetrokkenen zelf.
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

profiel

Sarina Hoogendam


Sarina Hoogendam
Bekijk mijn profiel

Stemming van hetkind
twitter

‘Ninke bepaalt zelf het tempo. Niet haar ouders, geen gestandaardiseerde toets en niet ik’ hetkind.org/?p=55348

Ongeveer een minuut geleden op hetkind's Twitter via hetkind website

facebook
Integraal opleiden in Afrika met microfinanciering en beroepsopleidingen: ‘In Afrika is er noodzaak om flexibel te zijn’

15 april 2016

Sarina Hoogendam

‘De chaos in Afrika schept ook heel veel ruimte voor creatieve oplossingen. En dat mist Nederland. Eigenlijk heeft Nederland een enorme ondernemerszin, maar in het onderwijs is er een soort vanzelfsprekendheid en gebrek aan innovatie ingeslopen.’ Sarina Hoogendam is in gesprek met Dorien Beurskens, algemeen directeur van Young Africa, een stichting die de integrale ontwikkeling van jongeren in Afrika wil bevorderen door integraal beroepsonderwijs aan te bieden, inclusief ondernemerschap en persoonlijke vorming. Hoogendam vraagt naar het hoe, wat en waarom én wat wij in Nederland kunnen leren van deze manier van opleiden. 

Recentelijk was de Executive Director van Young Africa, Dorien Beurskens, in Nederland. Samen met haar partner heeft ze een succesvol onderwijsconcept ontwikkeld, waardoor duizenden jongeren in het zuiden van Afrika een betere toekomst hebben. Hun ambitie en missie? Een half miljoen jongeren opleiden in 2025. De integrale ontwikkeling van een half miljoen jongeren in 2025. Jongeren tussen de 15 en 25 jaar in kansarme gebieden in Zuidelijk Afrika. Praktisch onderwijs, inkomens genererende projecten en mogelijkheden voor persoonlijke vorming dagen jongeren uit het heft van hun toekomst in eigen hand te nemen. 

youngafricaHoe is het allemaal begonnen met Young Africa?

In 1995 ging ik als vrijwilliger naar Kenia om met straatkinderen te werken. Ik kom uit het Nederlandse onderwijs,  was docent op een school in Apeldoorn. Al snel had ik Afrika in mijn hart gesloten. Ik kwam in Nairobi en verbleef bij Don Bosco, een centrum waar beroepsopleidingen verzorgd werden voor jongens uit sloppenwijken en gevangenissen. Daar gebeurde het. Ik ontmoette mijn partner Raj. Hij kwam uit India en was de directeur van het centrum. We werden verliefd op elkaar en het waar en met wie in mijn leven viel in één keer op zijn plek.

Omdat het centrum alleen voor jongens was zijn we bij Don Bosco gestart met een afdeling  voor meisjes, onder mijn leiding. We geloofden absoluut in het jongerenwerk van Don Bosco maar wij voelden dat er meer mogelijk was. Vooral op het gebied van financiële zelfstandigheid, duurzaamheid en lokaal management. Toen hebben we plannen gemaakt om een eigen organisatie op te richten, gericht op jongeren in  zuidelijk Afrika, en dat is Young Africa geworden.

Op welke manier hebben jullie dat precies gedaan?

We hebben eerst onze visie opgeschreven. Het bijzondere  is dat deze visie nu, jaren later, nog steeds staat. Toen zijn wij met allerlei mensen en organisaties gaan praten. Wij vertelden dat we een bijdrage wilden leveren aan de empowerment van jongeren en vroegen om hun mening en advies. Vervolgens hebben we onze plannen opgestuurd naar een aantal Zuid-Afrikaanse ambassades in Brussel. Binnen vierentwintig uur hing de ambassade van Zimbabwe aan de telefoon. ‘Te gek, dit hebben wij nodig, kom maar langs.’

Hoe kwamen jullie aan de financiën om dit te realiseren?

Wij hadden natuurlijk geen geld. Wel een plan, dromen en moed. Om een startkapitaal te krijgen heb ik op een gegeven moment mijn auto verkocht, toen hadden we 3000 gulden oftewel 1500 dollar, en daarmee zijn we naar Zimbabwe vertrokken. Daar zijn we gaan praten met ambassades, scholen, kerken, jongeren op straat, iedereen die maar belangstelling had. We stelden steeds dezelfde drie vragen: Wat zijn de dromen van jongeren in Zimbabwe? Wat zijn de beperkingen die ze tegen komen om hun dromen waar te maken? Wat kan een kleine organisatie als Young Africa betekenen om die jongeren vooruit te helpen? En het mooie was dat we van iedereen terug hoorden dat er behoefte was aan beroepsopleidingen en microfinanciering. Dat hadden we natuurlijk al wel gedacht maar toen zijn we ons daadwerkelijk daarop gaan richten.

Welke werkwijze hebben jullie gevolgd?

We zijn in Zimbabwe begonnen maar het had overal kunnen zijn waar een  goede voedingsbodem was. Eerst gaven we businesstraining en later kwamen daar microkredieten bij. We kregen ondersteuning van Wilde Ganzen en NCDO en ook af en toe wat kleinere donaties. Op een gegeven moment hoorden we dat het mogelijk was om een projectvoorstel in te dienen bij mijn eigen oude school in Apeldoorn waar een mooi geldbedrag aan verbonden was. Dat hebben we gedaan en ons voorstel werd uitgekozen. Dat gaf een enorme financiële boost, toen hadden we een leuk bedrag waarmee we gelijk een goede stap vooruit konden maken. We konden de eerste gebouwen van het eerste trainingscentrum in het grootste township van Zimbabwe gaan bouwen en meteen hebben we daar onze twee concepten neergezet die heel innovatief bleken te zijn.

Welke concepten zijn dat, en waarom zijn ze innovatief?

Wij geven de jongeren entrepeneurship training gecombineerd met lifeskills education. Door deze  integrale manier van onderwijs geven is er ook daadwerkelijk empowerment. Wij spreken jongeren aan op al hun talenten. Het gaat niet alleen om economisch empowerment door het leren van een vak, we leren ze ook hoe ze ondernemer moeten worden,  hoe ze voor zichzelf op moeten komen, hoe ze kunnen bijdragen aan een betere maatschappij. We leren ze over gezondheid, liefde, seks, mensenrechten. Dat alles nemen we mee in die beroepsopleiding waardoor de jongeren veel completere mensen worden.

Stonden docenten daar voor open? Hoe heb je dat vormgegeven?

We hebben alle lessen zelf gegeven. We hebben lessen van Don Bosco gebruikt en daarnaast allerlei  materiaal bij elkaar geschraapt en veel zelf ontwikkeld. Uiteindelijk is daar onze Young Africa lesmethode, of lifeskills methode uitgekomen. Die is dus echt in de praktijk  ontwikkeld door met jongeren in gesprek te gaan en te kijken wat ze nodig hebben. Kijken hoe je jongeren tot volle bloei kunt laten komen. Het is aanvoelen wat er nodig en daar op inspelen. Gewoon alles durven aanpakken. En dit allemaal integreren in de  beroepsopleiding.

Daarnaast hebben wij van begin af aan ons franchisemodel geïmplementeerd, het tweede innovatieve aspect van YA. We nemen geen leraren aan maar sluiten contracten met lokale ondernemers. Als Young Africa doen wij de investering in de gebouwen, machines, marketing en het hele systeem eromheen. De ondernemers draaien productie en nemen de leerlingen mee in het productieproces. De leerlingen komen fulltime gedurende zes maanden tot één jaar en in die tijd leren ze het vak. Zeventig procent van de training is leren in de praktijk. De ondernemer verdient dus geld  door productie te draaien met onze leerlingen en materialen en betaalt op zijn beurt huur aan Young Africa. Als er voldoende ondernemers zijn, ongeveer vijftien per centrum, is de huur voldoende om de programmakosten, administratiekosten en de overhead van het centrum te betalen. Dan is het centrum financieel zelfstandig.

Hoe zijn jullie uiteindelijk zo groot geworden?

Wat heel erg heeft geholpen is dat we in contact zijn gekomen met Ashoka. Zij hebben ons een enorme zet gegeven in het nadenken over hoe we groter konden worden en hoe we onze oplossing zouden kunnen schalen.

We zijn begonnen met een opleiding kleding maken en bouwtechniek, toen kwam daar elektronica en informatica bij en uiteindelijk hebben we nu een totaalpakket van vijfendertig verschillende cursussen, aangeboden in zes centra verdeeld over drie landen. Drie centra zijn zelfstandig. We blijven op de achtergrond aanwezig maar het management van het centrum is in lokale handen.

Wie of wat is Ashoka?

Ashoka is een wereldwijde organisatie die sociale innovators zoekt en hen helpt hun ideeën op grotere schaal uit te voeren. Zij zoeken mensen met nieuwe oplossingen voor oude problemen. Onze integrale benadering vonden zij zo innovatief dat wij zijn verkozen tot Ashoka fellow. Vanwege onze bijdrage aan het oplossen van de jongerenwerkeloosheid. Onze hele schalingsstrategie hebben we kunnen ontwikkelen met coaching van Ashoka. Onze ambitie is om in totaal vijftien eigen centra hebben. Maar we gaan het model ook overdragen aan andere organisaties, zodat we dan gezamenlijk in 2025 een half miljoen jongeren kunnen trainen.

Aan wat voor organisaties moet ik dan denken?

Organisaties die al met jongeren werken of die in beroepsopleidingen zitten maar niet een zelfvoorzienend model hebben. Of aan bestaande centra voor beroepsopleidingen die wel aan beroepsopleidingen doen maar bijvoorbeeld geen lifeskills erin verweven hebben. En we zijn aan het praten met de International Labour Organization van de VN. Wij hopen dat zij onze lifeskills methode willen integreren met hun partners. Het totaal pakket wat je aanbiedt aan jongeren maakt namelijk dat ze succesvol worden. Werkgevers zijn heel tevreden omdat jongeren beter kunnen communiceren,  beter voor zichzelf zorgen en meer  gedisciplineerd zijn. Discipline is in Afrika een big deal want niemand komt op tijd. Maar wij geven het mee in de opleiding. Je krijgt gewoon corvee als je te laat komt. Zo simpel maar toch heel duidelijk. Doordat je samenwerkt met lokale ondernemers heb je ook niet dat je zo’n enorm gat hebt tussen wat scholing aanbiedt en wat de arbeidsmarkt vraagt. Het zit gewoon bij elkaar op één terrein.

Zou jullie concept ook uit te rollen zijn in een ander werelddeel?

Ik denk het wel. Het is namelijk zo’n simpel model . Ik denk dat je dit ook in Nederland kunnen toepassen. Als je kijkt naar al die ROC’s en het goede machinepark dat ze hebben staan. Ik zou zeggen, maak van leraren ondernemers of maak meer gebruik van ondernemers. Laat de leerlingen praktijkervaring opdoen. Laat ze geld verdienen. Dan zul je veel creatievere oplossingen krijgen en een betere aansluiting tussen beroepsonderwijs en de arbeidsmarkt. En dan zou het ook niet zoveel kosten want beroepsonderwijs is ongelofelijk duur.

En wat zou het verschil zijn tussen Nederland en Afrika?

In Afrika zijn de regels gewoon wat losser, staat men meer open voor nieuwe oplossingen. In Nederland is alles dichtgetimmerd met regels. In Afrika is er noodzaak om flexibel te zijn. Die chaos in Afrika schept ook heel veel ruimte voor creatieve oplossingen. En dat mist Nederland. Eigenlijk heeft Nederland zo’n ondernemerszin maar in het onderwijs is er een soort vanzelfsprekendheid en gebrek aan innovatie ingeslopen.

Hoe gaat het met de jongeren nadat ze bij jullie klaar zijn?

De resultaten van onze trainingen zijn heel interessant. Drieëntachtig procent van onze afgestudeerden heeft een baan of is economisch zelfstandig. Of ze hebben een stage met uitzicht op een baan of ze zijn een onderneming gestart. In elk geval staan ze op eigen benen en dat is super belangrijk voor hun empowerment. Ze zijn economisch zelfstandig en onafhankelijk.

Wij monitoren en evalueren onze programma’s, dat is ingebouwd in ons systeem. De eerste keer heb ik zelf leerlingen nagebeld om het steekproefsgewijs te controleren, maar het was gewoon waar. Wij krijgen soms kritiek dat het duur is, maar een beroepsopleiding opzetten met machines, sportveldjes, woonruimte voor weesmeiden, om dat allemaal als totaalpakket aan te bieden, dat kost gewoon geld. Maar dat kost overal geld. En het mooie is dat het een high impact solution biedt want het veranderd levens echt zo radicaal. Weet je wat het is? Je moet die energie van jongeren kanaliseren want ze gaan er iets mee doen. En daar gaat het om. Onze diepste drijfveer is de positieve constructieve kracht die jongeren hebben goed te kunnen kanaliseren voor een mooiere, betere wereld.

Meer weten over Young Africa en Ashoka? Bezoek de websites: 

Met dank aan Dorien Beurskens voor het openhartig beantwoorden van alle vragen.

Sarina Hoogendam werkt als docent op HBO Drechtsteden in Dordrecht en als invalleerkracht op OBS de Toermalijn in Rotterdam.